Anp 13883901 E1424714665929X

Anne van Veen – Wie ik aan het zijn was

16-11-2015

Anne van Veen (1983) studeerde in 2006, als actrice/kleinkunstenaar, af aan de Amsterdamse Toneelschool en Kleinkunstacademie. In 2007 trad zij voor het eerst op met Anne. Kort daarop verscheen haar eerste album Bij Mij, waarvan de titelsong is uitgeroepen tot ‘nieuwe’ klassieker. In het najaar van 2015 verscheen haar debuutroman: Wie ik aan het zijn was.

Diep gekoesterde wens

Wanneer kwam je op het idee om Wie ik aan het zijn was te schrijven?
Twee jaar geleden werd ik benaderd door een uitgever waarmee een diep gekoesterde wens in vervulling ging. Ik mocht en kon een boek gaan schrijven. Dit wilde ik stiekem al vanaf mijn zesde en toen van mijn moeder een echte vulpen kreeg ter aanmoediging.

Hoe begin je aan een nieuw verhaal?
Voor mijn drie muziektheatervoorstellingen schreef ik praktisch al mijn liedteksten en monologen zelf. Proza was een geheel nieuwe uitdaging, maar komt wel vanuit dezelfde bron. Wanneer ik fantaseerde over een boek wilde ik eerst een coming-of-age verhaal schrijven over een meisje dat naar de grote stad verhuist en haar eerste jaar op de Toneelschool beleeft. Een persoonlijke ervaring tegen de achtergrond van de Toneelschool bleken een goed vetrekpunt, waaruit ik deze roman verder ontwikkelen kon.

Alma betekent ‘ziel’ en zij is als het ware mijn geesteskind. We vertonen overeenkomsten maar ook verschillen. Alma worstelt duidelijk meer met haar zelfstandigheid.

Anne van Veen

Verbeelding

Gebruik je bepaalde tactieken om mensen mee te slepen in het verhaal?
Gaandeweg ben ik me gaan bekwamen in de kunst van het weglaten. Wat vertel je wel en wat vertel je niet. Ik vind de verbeelding van de lezer belangrijk, maar probeer deze toch ook het verhaal in te trekken door soms weer wel heel erg onder de huid te gaan zitten van het personage.

Wat is je favoriete personage uit het boek? En waarom?
Omdat integriteit een belangrijk thema in mijn boek is, ligt mijn focus en dus ook mijn voorkeur, in Wie ik aan het zijn was, bij Alma, het hoofdpersonage. Alma is enerzijds heel nieuwsgierig en hunkert naar ervaring en anderzijds heel onzeker en bang. Dat krachtveld tegen de achtergrond van een omgeving die zich niet verzet vond ik fascinerend om uit te werken.

Welke emoties worden er in het boek opgeroepen?
Het boek kan als beklemmend en vervreemdend worden ervaren. De eerste keer dat Alma en Peer uit eten gaan neemt hij haar mee naar de Chinees om te dimsummen. Een restaurant dat Alma dagelijks passeerde op weg naar school en dat ze afzichtelijk vond. Maar door zijn aanwezigheid krijgt alles wat eerder tegen haar smaak inging, nu een zekere glans.

Anne Van Veen

‘Talent is diegene die het graagst wil’

In je boek gebruik je tekstmateriaal van verschillende liederen en toneelstukken. Kun je deze keuze toelichten? Omdat de roman zich afspeelt tegen het decorum van de Toneelschool, vond ik het als schrijver een mooi uitgangspunt om fictie en werkelijkheid met elkaar te verweven. En dus bepaalde teksten uit toneelstukken of liederen te gebruiken ter illustratie.

Kun je de relatie tussen de leraar en leerling Alma kort omschrijven?
Beide personages hunkeren naar bevestiging en zijn afhankelijk van elkaar. Hij in de rol van de oudere leermeester. Zij in de rol van adolescente en muze.

In je boek zegt de artistiek directeur: ‘Talent is diegene die het graagst wil’, ben je het hier mee eens en merk je dit dan ook als actrice/kleinkunstenaar?
De artistiek leider haalt een citaat aan wat binnen de theaterschool alom bekend is. Ik geloof erin dat talent op zich niet het enige is om artistiek te kunnen groeien. Er is een zekere drive voor nodig om dit talent te dienen. Als die drive ontbreekt staat dat talent toch enigszins in de kou.

Anne 2

Ze bijten niet

Aan het begin van je boek heb je het over een auditie. Hoe ervaarde jij jouw auditie voor de Toneelschool?
Net als Alma ervaarde ik vooral het gebouw als heel overweldigend en drentelde ik zenuwachtig over de lange witte gang voor ik het lokaal binnen mocht. Alma ziet de ouderejaars karretjes met koffie en thee voortduwen en voelt zich geïntimideerd door hun aanwezigheid. Een vierdejaars studente zegt plagend; ‘ze bijten niet’ als ze Alma welkom heet. Maar zo voelt het wel. Je stelt je open en voelt je op dat moment enorm bekeken.

Ben je van plan meer boeken te schrijven?
Nou en of! Ik heb nu de smaak te pakken. Ik beleefde tijdens het schrijven heel veel plezier aan het bedenken van fictieve componenten. Met mijn achtergrond op de Toneelschool biedt Wie ik aan het zijn was een unieke kijk in een wereld, die doorgaans voor de buitenwereld als heel gesloten en mysterieus wordt ervaren. Sommige dingen komen voort uit mijn fantasie, sommigen dingen zijn echt gebeurd. Zoals er bijvoorbeeld een lokaal door de GGD ontruimd werd omdat er schurft heerste.