Column

Boeken gaan voor het meisje

Sex And The Single 1 En 2

Het is me niet ontgaan dat het op deze plek vrij vaak over boeken gaat. Dat we ons hier bevinden in een (online) boekenmagazine zou daar wel eens mee te maken kunnen hebben. Omdat dit mijn laatste stukje voor Lees Magazine is, ga ik het ook maar eens over boeken hebben. En met alle liefde, want een leven zonder boeken kan ik me niet voorstellen. Er schijnen mensen te zijn die nooit een boek lezen, er schijnen zelfs mensen te zijn die daar nog trots op zijn ook, maar volgens mij leid je dan een half leven. Al die verhalen die je mist, al die levens, al die werelden – zo zonde. Tenminste, dat vind ik. Maar ik kwam dan ook ter wereld met een boek in mijn knuistje. Ja, daar keek de gynaecoloog toch even vreemd van op. Vooral ook omdat het À la recherche du temps perdu van Marcel Proust was. In het Frans, uiteraard. Hij begreep wel meteen waarom het zo belachelijk lang duurde voordat hij me eruit had gekregen: ik wilde niet naar buiten, want ik had het boek nog niet uit. Daarna is er eigenlijk geen dag meer geweest dat ik niet in een boek las. Boekenlezen is voor mij als eten, drinken, plassen, poepen, slapen, flossen en af en toe een beetje miserabele seks: de gewoonste zaak van de wereld. Boeken horen bij mijn leven.

Ik lees iedere avond, in bed, voor het slapengaan. Lees ik een goed boek, dan ga ik vroeg naar bed. Kan ik lekker lang lezen. Lees ik een niet zo goed boek, dan stel ik het naar bed gaan zo lang mogelijk uit. De laatste keer gebeurde me dat een paar maanden geleden, met De greppel van Herman Koch. Ik ging pas om een uur of twee naar bed. Normaal gesproken klap ik een niet zo goed boek na een pagina of vijftig voorgoed dicht, maar met Herman Koch weet je het maar nooit; het kan ineens een goed boek worden. Jammer genoeg gebeurde dat met De greppel niet. Toch heeft een niet zo goed boek ook een voordeel: na twee pagina’s val je als een blok in slaap. Na De greppel las ik As in tas van Jelle Brandt Corstius. Toen lag ik er al om acht uur in. Nu lees ik Kennedy’s brein van Henning Mankell. Rond middernacht ga ik naar bed.

Mijn grote geluk is dat ik single ben. Bijna altijd lig ik alleen in bed. Ik kan dus altijd lezen. Maar heel, héél soms ligt er een vrouw naast me. Dan kan ik dus niet in mijn boek lezen. Ik ben dan zo van slag, dat ik die nacht geen oog dichtdoe. En dan begint zo’n vrouw na een tijdje nog te snurken ook. Nog erger: ze gaat tegen je aan liggen. Nog veel erger: ze slaat haar been om je heen. Haar been, dat na een kwartier honderd kilo weegt. Met open ogen lig ik dan naar het plafond te staren. Even doorbijten, zeg ik tegen mezelf: vanavond lig je hier weer alleen, met je boek. Want boeken gaan altijd voor het meisje.

(Mijn nieuwe boek Sex & the Single 2 is sinds deze week uit. Ideaal voor in bed. En ik snurk niet.)

Thom Arisman

Thom Arisman is journalist, schrijver, columnist, mens, en single. Hij is schrijver van de boeken 'Thom.Single.Man.', 'Mr. Single' en 'Single van beroep'' en speciaal voor lees.bol.com heeft hij een column geschreven over boeken.