Recensie

Boos de baas en Bevrijd je demonen: "Baas in jouw eigen bewustzijn"

12-10-2018
Juiste Header

Emoties kunnen je soms parten spelen. Vooral als ze vast zijn komen te zitten in innerlijke patronen die zo af en toe de kop opsteken als het spannend voor je wordt. Ik las twee boeken die kunnen helpen om met deze patronen af te rekenen. Zowel Boos de baas als Bevrijd je demonen vragen om eerlijkheid naar jezelf. Toch zijn het heel verschillende boeken. Het boek Boos de baas van Annette Vijverberg helpt je als persoon steviger te zijn, terwijl Bevrijd je demonen van Tsultrim Allione je begeleidt naar overgave.

Boosheid

Mensen hebben emoties. Annette Vijverberg, auteur van Boos de baas, telt er vier. We kunnen bedroefd zijn, bang, blij en boos. We worden geboren met alle vier in ons systeem. Maar eigenlijk mag alleen ‘blijdschap’ er zijn. Van verdriet, angst en boosheid willen we zo snel mogelijk af als ze de kop op steken. Vijverberg ziet hierin oorzaken voor problemen. Ze schreef haar boek Boos de baas zodat je de basisemotie ‘boosheid’ de functie kunt geven die het van nature hoort te hebben.

Patronen

Als we onze emoties niet de baas zijn, dan kunnen ze ons gaan beheersen. Worden emoties stelselmatig onderdrukt, dan kunnen die zich vastzetten in patronen die ons leiden naar gedrag dat onwenselijk is, met alle negatieve gevolgen van dien. Hierdoor kan de angst voor die emoties toenemen en de gedachten die daarbij opkomen kunnen gaan spoken in ons hoofd. In andere tijden (en nog altijd in andere culturele tradities) werden die patronen als ‘demonen’ gezien. Omdat een emotie zowel een psychisch verschijnsel als een lichamelijke sensatie is, is het niet geheel vreemd dat deze culturen het als ‘demonen’ bestempelen. Vijverberg legt uit dat boosheid als doel heeft om je grenzen te beschermen. De emotie maakt direct energie (adrenaline) vrij om te handelen. Het is een exploderende sensatie die je als het ware meteen ‘aan’ zet. Bam! Boosheid plaatst je in het hier en nu om je plek duidelijk in te nemen en glashelder te laten zien waar je staat. Het maakt je wil manifest tegen dat wat het bedreigt. De handeling die erop volgt kan de rust herstellen. Gebeurt dat, dan wordt het ook weer rustig in jou.

In je lichaam

Het spreekt voor zich dat het niet altijd zo gaat. Vaak onderdrukken we onze boosheid om ruzie te vermijden. Maar dat afwijzen van boosheid leidt tot veel ellende, zegt Vijverberg. “Als adrenaline niet gebruikt wordt waarvoor het bedoeld is, blijft het achter in het lichaam. En als dat blijvend is of meerdere keren voorkomt, worden de gevoelens van machteloosheid, moedeloosheid en waardeloosheid geactiveerd.” Dat kan tot somberheid en zelfs depressie leiden. Aanleiding dus om op onderzoek uit te gaan hoe opnieuw een relatie aan te gaan met je vermogen boos te kunnen worden, vindt Vijverberg. Dat geldt overigens ook als boosheid te frequent voor komt, te lang duurt of tot agressie leidt. Ook dat zijn signalen dat je niet meer de controle hebt over de emotie boosheid, en je op zoek zou kunnen naar het herstellen van een gezonde verhouding.

Geen ruzie

De manier om weer baas over boosheid te worden, onthult Vijverberg al op de cover van haar boek. De ondertitel is namelijk: ‘Als je goed met boosheid omgaat, heb je nooit meer ruzie’. Dus: word boos, maar maak geen ruzie. Halverwege het boek Boos de baas geeft ze een aantal praktische adviezen hoe je dat doet. Zo is het goed het conflict aan te gaan, maar het vooral ook te laten bij het maken van je punt en niet door te zeveren. Ook is het niet altijd goed direct in het moment boos te reageren, maar even een geschikt moment te kiezen om je uit te spreken. Verder is boosheid een typische ik-energie en moet je daarom niet over de ander praten, maar over wat jij voelt en wilt. Daarom is het ook beter om geen verhaal te halen bij de ander, maar juist duidelijkheid over jezelf. En wat je ook beter niet doen kunt is moraliserend worden, beperk je tot wat jij ervan vindt en wat jouw grenzen zijn van wat jij normaal vindt. Tot slot is volgens Vijverberg respect heel belangrijk. Dat betekent dat de ander zich ook mag uitspreken, en dat als je boosheid ongegrond blijkt dat je dan ook je excuses aanbiedt. Zo ga je om met boosheid. Het is jezelf kennen en daarvoor opkomen zonder de ander daarin onbelangrijk te maken.

Vijf klootzakken

Boosheid is een ingang tot zelfkennis. Het is daarom een instrument om te koesteren voor wie werk van zijn of haar ontwikkeling wil maken. Daarom zegt Vijverberg ook: “Ieder mens heeft recht op vijf klootzakken”. Want mensen die je boos maken, leren je wie je bent en waar je voor staat. “Van mensen waar je het goed mee kunt vinden leer je in wezen niets. Ze bevestigen je in wie je bent.”

“In essentie gaat boosheid niet over de ander, maar om de herkenning van wat voor jou van belang is.”

Demonen

De Amerikaanse Tsultrim Allione, introduceert in haar Bevrijd je demonen een andere aanpak om af te komen van innerlijke patronen die je persoonlijke vrijheid in de weg staan. Allione heeft een studie gemaakt van Tibetaanse boeddhisme en dan in het bijzonder van het werk van de mysticus Machig. Deze vrouwelijke leraar, die leefde in de 11e eeuw van onze jaartelling, leerde dat we in onwenselijke patronen blijven hangen als we ze geven wat ze willen. Wat we moeten doen is ze geven wat ze nódig hebben. Als we dat doen voeden we ons onderliggende verlangens, in plaats van dat we ze aan ons laten vreten. Machigs leer is door Bevrijd je demonen toegankelijk gemaakt voor ons westerlingen. Centraal in het boek staat een vijfstappenplan dat je zelf of samen met een ander kunt doorlopen. Wat daarvoor nodig is, is dat we onze dwangmatige patronen voorstellen als echte demonen. Dat zal voor de meeste van ons even wennen zijn…

Vijf stappen

In die vijf stappen bevrijd je jezelf van innerlijke patroon door het eerst heel fysiek voor te stellen, door het te voeden met wat het echt nodig heeft en door het vervolgens te laten transformeren. Bij stap 2 waarschuwt Allione om toch vooral goed te kijken. “Veel demonen geven aan te verlangen naar levenskracht, of al het goede in je leven, of ze willen je beheersen. Maar dat is niet wat ze nódig hebben. Wat ze nodig hebben is verborgen achter wat ze zeggen dat ze willen”. Zo kan blijken dat achter boosheid het verlangen naar veiligheid ligt, of dat het eigenlijk rust is dat je nodig hebt in plaats van gehoord te willen worden. Een goede vraag om er achter te komen wat je eigenlijk wil, is om aan je demon te vragen: “Hoe zul je je voelen als je krijgt wat je nodig hebt?” Dan kan duidelijk worden dat je verlangen is om bijvoorbeeld sterk te zijn of ontspannen, of wat dan ook. Dat is dan hetgeen waarmee je je demon voedt. Dat doe je -heel bijzonder- door in je voorstelling je demon je lichaam (dat je je voorstelt als nectar, room of ijs vol met wat de demon nodig heeft), te laten opeten tot het verzadigd is... Als dat gebeurd is verandert je demon -nog steeds allemaal in jouw voorstelling- in een wijze bondgenoot aan wie je kunt vragen je te helpen. “Hoe heviger en ontzagwekkender de demon was, hoe groter de kracht van de bondgenoot, want het is de intensiteit van de demon die de krachtbron van je bondgenoot wordt”, stelt Allione bemoedigend. In de laatste stap laat je jezelf en je bondgenoot los. Alles komt open. Er is dan alleen ontspanning. Eigenlijk is dit de belangrijkste stap, vindt Allione. Er zijn geen demonen en geen ik-persoon die ergens last van heeft, het was allemaal “alleen maar gekakel”. Deze staat van zijn is wat we werkelijk verlangen, de rest is slechts “emotionele afleiding van het onbewuste”.

“We moeten onze ‘demonen’ niet geven wat ze willen, maar wat ze nodig hebben.”

Lees beide boeken

Boos de baas en Bevrijd je demonen laten twee heel verschillende wegen van persoonlijke ontwikkeling zien. Het boek van Vijverberg representeert een richting die gericht is op het versterken van je eigenheid; dat je beter weet wie je bent, waar je voor staat en dat je dat beschermt tegen de wereld. Het boek van Allione staat hier misschien wel diametraal tegenover; de persoon moet niet verstevigd maar mag getransformeerd worden. Dat laatste klinkt niet alleen vaag, dat is het ook. Waar Vijverberg juist heel helder schrijft en met veel concrete voorbeelden komt die we makkelijk herkennen, probeert Allione daarentegen de lezer mee te nemen naar onbekend terrein. En dat geldt niet alleen voor de, wat mij betreft, te exotische inleiding over Tibetaanse boeddhisme die ik lezers zou willen adviseren over te slaan. ‘Vaag’ is ook de essentie van wat ze wil overbrengen. We moeten het zoeken in het vage. En dat spreekt mij dan weer wel aan. Want wat ons vasthoudt is het bekende, en wat ons ontwikkelt is onze misschien nog vage notie van wat we kùnnen zijn. Die vage notie zich laten ontwikkelen, vraagt om het loslaten van je huidige, bekende zelfopvatting. Vijverberg wil dat je jezelf begrijpt en serieus neemt, Allione moedigt je aan om jezelf los te laten en vertrouwen te hebben. In de weer gaan met je ‘demonen’ zal voor de meesten van ons al zo onwennig zijn, dat alleen al daardoor het boek kan helpen om eens goed los te komen. Maar goed, voor wie interesse in zelf-ontwikkeling heeft, is het een aanrader beide boeken te lezen, zodat je zelf ervaart wat voor jou nu de weg is om te gaan.

Wil je altijd op de hoogte zijn van de boeken binnen jouw favoriete genre? Stel je voorkeur in en ontvang updates.

Niels Willems
Niels Willems