01 Echo

Sigried: ''De gebeurtenissen blijven door Bogaerts bedachtzame schrijfstijl te veel op een veilige afstand''

5-12-2016


Hans Bogaert (1987) schreef met Echo een uitdagend debuut dat zich niet gemakkelijk onder één noemer laat vangen. Herinneringen, dromen en waanbeelden wisselen elkaar voortdurend af en laten de lezer meermaals duizelen.

Echo
Het verhaal start met de volwassen Viktor, koning van zijn gezin, die zich met hart en ziel op zijn wetenschappelijk onderzoek stort. Hij is ervan overtuigd dat hij een medicijn uitgevonden heeft dat alle chronische ziektes een halt kan toeroepen. Om het medicijn op een legale manier te kunnen testen, is hij op zoek naar fondsen. Even lijkt het een roman te worden die voornamelijk over de grenzen van de wetenschap zal gaan. Waar liggen de morele grenzen bij het testen van medicijnen? Hoe kunnen wetenschappers hun vrijheid behouden wanneer ze gefinancierd worden door de industrie? Welke prijs betalen onderzoekers én hun gezinsleden voor de allesbepalende passie om iets volledig te doorgronden?

De rug toekeren
Maar dan springt het verhaal naar de 23-jarige Viktor die zijn studies, relatie en ouders de rug toekeert om naar West-Berlijn te trekken. Dit lijkt in eerste instantie een impulsieve daad, maar is een beredeneerde vlucht naar het onbekende, naar een “vrijplaats, waarin het is toegestaan dingen te doen waar je soms achteraf, wanneer je opnieuw tot jezelf bent gekomen, van moet walgen.” Het is 1987, het protest tegen de Berlijnse Muur klinkt steeds luider en jong en oud verenigen zich op straat in talloze betogingen.

02 Echo

Berlijn

Berlijn is meer dan louter een achtergrond, de stad speelt een actieve rol in het geheel van gebeurtenissen. Hoewel het verhaal zich grotendeels afspeelt tijdens de eerste levensjaren van Hans Bogaert, lijkt het alsof hij zelf alles vanop de eerste rij heeft meegemaakt. Zijn verblijf aan de Vrije Universiteit Berlijn verschaft hem ongetwijfeld een goede basis om de stad te beschrijven, maar de manier waarop hij de sfeer rond de val van de Berlijnse muur beschrijft en de geschiedenis tot leven laat komen, toont aan dat hij het schrijversvak nu al bijzonder goed beheerst.

Verleden en heden
Bogaert is een schrijver die beredeneerd en nauwgezet te werk gaat. Het vaak poëtische taalgebruik vertraagt op een prettige manier het leestempo en geeft de lezer de kans om alles te laten bezinken. Verleden en heden worden in alternerende hoofdstukken vervlochten tot een vraagstuk zonder antwoord: “Weggaan of blijven, zoveel verschilt het niet. […] De vraag is: met welke schuld kun je het best leven?”

Veilige afstand
Uit zijn debuut blijkt hoezeer Hans Bogaert ondergedompeld is in de wereld van de literatuur. Hij is niet enkel de zoon van auteur Gie Bogaert, maar studeerde ook Moderne Literatuur en Theaterwetenschappen en werkt bij Behoud de Begeert. Hij kent de knepen van het vak en heeft duidelijk hard gewerkt aan deze roman. De talloze mooie, trefzekere passages en doordachte structuur bewijzen dat er stilistisch weinig op de roman af te dingen is. Ik miste echter ook een zekere passie en ongeremdheid. De gebeurtenissen blijven door Bogaerts bedachtzame schrijfstijl te veel op een veilige afstand waardoor het verhaal me – ondanks de verrassende climax – uiteindelijk te weinig geraakt heeft.