Interview

Elfie Tromp interviewt Ariel Levy

23-10-2017
Header Ariel1

Ariel Levy, Amerikaanse bestsellerauteur, journalist voor The New Yorker en feministisch boegbeeld, was in Nederland om te vertellen over haar memoir De regels gelden niet. Binnen zes weken tijd verloor Levy haar ongeboren kind, haar geliefde en haar huis. De regels gelden niet is haar prachtige relaas over verdriet en rouw. Auteur Elfie Tromp sprak met haar.

Ariel Levy is een montere New Yorker, luid en snel pratend, met grote gebaren en een harde lach. Levy heeft een gretigheid om te leven die haar constant doet opveren. Ik zie het haar het hele weekend doen. Bij de borrel op haar uitgeverij, op het Geen Daden Maar Woorden-festival waar ze optreedt, haar lach is constant de hardste, haar stem het helderst. Tussen de vragen door maakt ze een foto van mijn haarkleur en hond. Ik had een serieus interview over afscheid en pijn voorbereid, wat volgt is een geanimeerd gesprek over de schoonheid van het leven, de liefde en beperkingen. 

Fotoariel

Je boek gaat over rouw en verdriet. Toch maak je geen gebroken indruk.
Het is dan ook vijf jaar geleden. Mijn leven gaat door. Ik heb een nieuwe geliefde, gek genoeg is dat de arts die bij mijn miskraam was en als enige in de wereld ook mijn zoontje van vijf maanden heeft gezien. We wonen samen, ik heb fantastisch werk, goede vrienden, een mooie tuin. Er is heel veel in de wereld om dankbaar voor te zijn. Ik pik bij mijn lezingen altijd de vrouwen eruit die net een miskraam hebben gehad. Het voelt in zo'n situatie alsof de wereld stilstaat, alsof de pijn nooit minder zal worden. Ik kan je verzekeren; dat wordt het wel.

Waarom wilde je deze periode vastleggen op papier?
Toen ik mijn miskraam kreeg, voelde ik me zo geïsoleerd. Er is weinig kunst over het verdriet van een miskraam. Nauwelijks boeken of films waar ik me aan kon relateren. Er was wel schaamte. Een verpletterende schaamte. Een miskraam voelt alsof je lichaam je in de steek laat; je geeft jezelf toch de schuld. En zo kijken andere mensen ook naar je. Ze had niet die lange vlucht moeten maken, ze had niet door moeten werken, misschien heeft ze bedorven melk gedronken. Ze willen een reden horen voor de ellende die een ander overvalt, zodat ze hun eigen angst ervoor kunnen bezweren. De harde realiteit is: er is geen formule om verdriet uit te bannen, geen verzekering dat dingen in je leven allemaal zullen lukken. We krijgen allemaal een portie ellende, zo is het nu eenmaal. Dit is geen zelfhulpboek. Ik heb geen stappenplan ontwikkeld of tips om te geven. Ik heb geen psychiaters geraadpleegd. Ik kan alleen mijn verhaal delen, in de hoop dat het de eenzaamheid van iemand in een gelijksoortige situatie kan opheffen.

Durven denken dat de regels voor jou niet gelden geeft blijk van visie. Het is ook een teken van narcisme, schrijf je in je boek. Vind je jezelf egocentrisch?
Ik ben in een bevoorrechte tijd en plek opgegroeid. Ik kon studeren en me opwerken tot mijn droombaan. Mijn ouders steunden me onvoorwaardelijk, ook toen ik een lesbische partner kreeg en daarmee trouwde. Ik kwam er pas op mijn 38ste achter dat ik het niet voor het zeggen had in mijn leven. Dat ik niet de grote verteller van mijn eigen verhaal ben. Dat is een enorme luxe, dat weet ik. Was ik in Sierra Leone geboren, had ik honger geleden en werd ik als vrouw slechter behandeld, dan had ik dat al in mijn kindertijd geleerd. Om mij heen zie ik veel jonge, zelfverzekerde vrouwen die hun dromen najagen en dat is goed, maar het is ook goed om stil te staan bij de kwetsbaarheid van alles wat we voor lief nemen. Het kan je zo ontnomen worden. Je kind kan sterven. Je geliefde kan een liegende alcoholist blijken en je kunt jezelf ook lelijk teleurstellen.

"Ik ben nu niet alleen in mijn kennissenkring de vrouw die alles verloor, maar voor de hele wereld."

Dit boek is zo persoonlijk, je schrijft over bestaande mensen en over misschien wel het kwetsbaarste van de mens: rauw verdriet. Hoe ga je om met de kritiek die je hierop ontvangt?
Ik had me voorgenomen om dit verhaal te delen, dus ik was voorbereid op de praatjes. Ik ben nu niet alleen in mijn kennissenkring de vrouw die alles verloor, maar voor de hele wereld, dat is best eng. Tegelijkertijd heb ik al afstand van deze fase, simpelweg door de tijd. Ik vond het heel fijn dat er even een paar maanden tussen de Amerikaanse promotietour en de Europese zat. Een paar maanden waarin ik niet meer met de ellende bezig was, maar gewoon verder ging, mijn huis verbouwde, een visum voor mijn verloofde regelde, de klusjes die een leven vullen en dat was fijn. Ik krijg weleens te horen dat dit het verhaal is van een geprivilegieerde witte vrouw. Ja, dat is het, want dat ben ik. Maakt het dan een verhaal wat minder waard is om te delen? Niet elk boek kan alles zijn. Pijn is universeel. Rouw is universeel. Ik heb veel privileges, maar een kind hebben of kunnen krijgen is een privilege wat vele anderen wel hebben maar ik niet. Ik denk dat dit boek met elke lezer een andere band aangaat. Iedereen heeft wel verlies op een of andere manier in zijn leven meegemaakt. De reacties zijn te overweldigend om te geloven dat ik dit vanuit een wereldvreemde bevoorrechte positie heb geschreven. Elke dag krijg ik mails van vrouwen die hetzelfde is overkomen en die me bedanken. Dat is heel waardevol voor me.

Je eerste boek Female Chauvinist Pig was een pamflet tegen de pornoficatie van het vrouwenlichaam. Nu schrijf je een memoir over je eigen leven, een heel andere vorm met een andere insteek, lijkt me. Waarom?
Door mijn eerste boek kwam ik erachter dat ik de rol van opiniemaker onprettig vond. Mijn kracht ligt bij het verhalen vertellen, niet zozeer bij mensen vertellen hoe het hoort te zijn. Hoewel ik volledig achter die eerste sta, vond ik dat vingertje wat daarbij kwam kijken niet fijn. Vrouwen moeten zelf beslissen wat ze willen doen, hoe ze hun seksualiteit beleven of zich uitdossen.

"Ik denk dat oprechtheid en intimiteit mijn kracht is. Wat je leest, bén ik."

Toch word je nog steeds gezien als feministisch boegbeeld.
Ik ben nog steeds een feminist, want ik geloof in gelijke rechten. En natuurlijk zit er ook een feministisch element in De regels gelden niet. Als er een les in zit, dan is het dat de natuur laat zich niet regelen. We hebben zo lang gehamerd op het feit dat de vrouw meer is dan alleen haar lijf, meer dan alleen een babymachine. We waren altijd naar onze hersens aan het wijzen als er weer naar onze borsten werd gestaard, dus ja, vruchtbaarheid is een weinig besproken onderwerp in feministische kringen. Behalve dan in de stelling: krijg ze zo laat mogelijk. Dat betekent dat je een risico neemt, zoals ik dat heb gedaan. Ik was 38 toen ik mezelf sterk genoeg voelde om moeder te worden. Dat liep fout af en toen was het te laat om het nog eens te proberen, hoewel ik dat jarenlang, tegen beter weten in, heb gedaan. Toen ik kinderloos de IVF-kliniek uitliep, moest ik om me heen kijken: wat heb ik nog wel? En dat was mezelf. Mijn nieuwsgierigheid, mijn schrijverschap. En een hele hoop fantastische mensen om me heen. Feminisme heeft nooit beweerd dat we alles kunnen krijgen wat we willen. Er is geen enkel feministisch betoog dat je dat beloofd. Zo denkt een tweejarige, niet een feminist. We moeten leren omgaan met de natuur, de onverbiddelijkheid ervan, de kracht en het mysterie.

Hoewel je zware onderwerpen behandelt, is het ook een licht boek. Meermaals moest ik tijdens het lezen schateren. Is humor belangrijk in rouwverwerking?
Toen ik er doorheen ging, had ik er in ieder geval niks aan. Ook kon ik er niet over schrijven. Ik lag letterlijk alleen maar te gillen van het verdriet. Ik kon daar niks coherents over zeggen toen ik er middenin zat, laat staan een grap maken. Ik denk dat oprechtheid en intimiteit mijn kracht is. Wat je leest, bén ik. Daar zit ook een deel humor in.

Ook dit boek gaat, net als je debuut, -deels- over het vrouwenlijf.
Omdat het ook een groot mysterie is! Ik weet nog dat ik op handen en voeten zat in de hotelkamer waar ik een miskraam kreeg en dat ik dacht: "Wow, dit gaat een shitshow worden". Ik ben tien minuten iemands moeder geweest en dat was een transformerende ervaring. Die zou ik nooit voor iets anders willen ruilen.

Heb je je moedergevoelens nog steeds zo sterk of zijn die veranderd?
Weet je, mijn nieuwe geliefde is een 60-jarige baby. Ik zorg voor hem. Het is een rare kink in onze rolverdeling en gelukkig is dat niet alles dat er is. Maar het is een onderdeel van onze band en het komt ons allebei goed uit.

Fotograaf: Marco de Swart

Meer boeken van Ariel Levy

Praat mee