Interview

B.A. Paris: "ik heb altijd al overal gevaar gezien."

Door: Silvie
12-06-2018
Ba Paris Interview Header

De Britse auteur B.A. Paris brak 2 jaar geleden door met haar thriller Achter gesloten deuren, gevolgd door Gebroken. Nu komt haar derde boek Breng me teruguit. Voor Lees Magazine sprak Silvie van der Zee haar over haar band met Nederland, haar succes en haar grootste angst.

Klopt het dat je een speciale band hebt met Nederland?
Ja, we hebben hier 20 jaar geleden ongeveer 4,5 jaar gewoond, in Den Haag. Dat was een mooie tijd. Mijn jongste dochter is hier geboren, we noemen haar onze 'Dutch baby'. En een van mijn dochters woont hier nu, in Amsterdam. Ik hou van Nederland.

Je derde boek Breng me terug is uit. Kun je er iets over vertellen?
Breng me terug is een psychologische thriller. Ik wilde deze keer iets anders doen, niet weer een boek vanuit het perspectief van een vrouw waarbij die vrouw het slachtoffer is. Dat is ook leuker voor mijn lezers, anders hadden ze gezegd: alweer zo'n soort boek. Dus dit boek is vanuit het perspectief van een man, Finn. Zijn verhaal is dat 12 jaar geleden zijn vriendin is verdwenen in Frankrijk. Ze is nooit meer teruggevonden. Twaalf jaar later heeft hij zijn leven weer opgepakt, maar hij krijgt steeds tekens dat ze terug is, en dat ze nog leeft. Hij weet alleen niet of zij erachter zit of iemand die doet alsof ze zijn vriendin is. Hij moet erachter zien te komen hoe het zit.

Voelde je druk bij het schrijven na het succes van je eerste twee boeken?
Ik voelde meer druk bij het schrijven van Gebroken, mijn tweede boek. Dat was moeilijk om te schrijven, omdat mijn eerste boek zo'n succes was. Je wilt je lezers niet teleurstellen. Ze willen een vergelijkbaar boek, maar niet hetzelfde boek natuurlijk. Dat is best lastig. Bij Breng me terug was ik rustiger, omdat ik wist dat mijn tweede boek ook goed was ontvangen. Ik dacht: ik kan het dus wel, en daarom voelde ik weinig druk.

Heb je weleens last van writer's block?
Nee, niet echt, want ik denk heel veel na over mijn verhalen in mijn hoofd voordat ik ga schrijven. Soms weet ik tijdens het schrijven niet hoe ik verder moet en dan ga ik even wandelen. Dan probeer ik een oplossing te bedenken en die schrijf ik dan na de wandeling. Ik heb dus niet wekenlang last van writer's block. Maar er zijn ook delen van het boek waarbij het moeilijker gaat. Ongeveer halverwege het boek denk ik: dit is geen goed boek. Je gaat aan jezelf twijfelen en dan blijf je toch maar doorschrijven en uiteindelijk komt het dan allemaal weer goed.

"Mijn uitgever zei: "je hebt 300.000 exemplaren verkocht in het Verenigd Koninkrijk." Ik dacht dat dat heel normaal was."

Je hebt drie losse boeken geschreven. Zou je weleens een serie willen schrijven?
Misschien wel, maar geen detective of politieserie. Ik heb nooit bij de politie gewerkt, dus ik weet niet hoe het eraan toegaat. Als ik een serie zou schrijven, zou het waarschijnlijk een familiedrama zijn, verspreid over verschillende boeken. Het zou gaan over de relaties tussen de familieleden. Maar een detectiveserie? Nee.

Je zit nu wel in het hokje thrillerschrijver.
Ik ben nog bezig met een thriller, dat gaat mijn vierde boek worden. Daarna zien we wel. Dan wil ik gewoon gaan schrijven zonder na te denken welk genre het is. Ik wil gewoon de boeken schrijven die ik wil schrijven. Dat kan een psychologische thriller zijn of een psychologisch drama. Wat definieert een boek? Ik wil gewoon een boek schrijven. Daarna kun je dan zeggen: dit is geen thriller, het is drama, of wat dan ook. Het is lastig om in een hokje te zitten en te weten dat je in dat specifieke genre moet schrijven.

Vind je het lastig om je personages los te laten?
Niet echt, dat is eigenlijk wel gek. Maar als ik klaar ben met schrijven, dan is het ook echt klaar. Dan ben ik al bezig met mijn volgende boek en de personages daarvan. Dus ik laat de personages los. Het is eigenlijk net als je kinderen die het huis uitgaan. Je moet ze loslaten, de wereld in. Natuurlijk denk je wel aan ze, maar ze zijn niet altijd aanwezig. Ik hou nog steeds van mijn personages, vooral die uit Achter gesloten deuren, Grace en Millie, want dat waren mijn allereerste personages. Ze hebben de aandacht van een heleboel mensen getrokken.

Je leven is ontzettend veranderd na je succes. Hoe ben je daarmee omgegaan?
In het begin had ik niet door dat het zo'n succes was. Ik woonde in Frankrijk, ik kende de schrijverswereld niet, ik volgde geen auteurs op Twitter. Ik had zelfs nog niet eens Twitter, ik wist van niks. Dus toen mijn eerste boek succesvol bleek te zijn, begreep ik niet hóe succesvol. Mijn uitgever zei: "je hebt 300.000 exemplaren verkocht in het Verenigd Koninkrijk." Ik dacht dat dat heel normaal was. Ik wist wel dat ik in de bestsellerlijst op nummer 1 stond, maar ik dacht dat de nummer 2 maar 5 exemplaren minder had verkocht of zoiets. Pas na een paar maanden realiseerde ik me hoe bijzonder dit was. Misschien heeft het mij als persoon niet echt veranderd omdat ik al wat ouder ben. Ik ga wel naar het buitenland om geïnterviewd te worden en over mijn boeken te praten, en dat is heel leuk. Daarvoor was ik huisvrouw en ging ik niet echt ergens naartoe. Dus ik voel me bevoorrecht dat ik nu een heel nieuw leven heb waarin ik veel interessante mensen ontmoet en kan reizen. Het is nog maar 2 jaar geleden dat Achter gesloten deuren uitkwam in het Verenigd Koninkrijk. Als iemand me had verteld dat ik over 2 jaar in een hotel in Amsterdam zou worden geïnterviewd over mijn boeken, had ik dat niet geloofd. Het is echt een hele grote verandering.

"Mijn verhalen beginnen altijd met iets dat mij zou kunnen overkomen."

Er komt veel geweld in je boeken voor. Heb je daar ooit zelf mee te maken gehad?
Geweld is een groot woord voor mij, ik associeer dat met fysiek geweld. Maar psychologische manipulatie komt er zeker in voor. Ik zou het eigenlijk psychologisch geweld moeten noemen, want dat is het ook. Ik ben zelf alleen weleens gepest op school en op het werk. Mijn lezers maken misschien niet mee wat mijn personages meemaken, maar we weten allemaal hoe het is om gemanipuleerd te worden door mensen. Ik weet zeker dat de meeste mensen dat wel hebben meegemaakt, of zich in ieder geval kunnen voorstellen hoe dat zou zijn.

Waar haal je je inspiratie vandaan?
Mijn verhalen beginnen altijd met iets dat mij zou kunnen overkomen. De beginscène van Gebroken is mij overkomen. Ik zag geen auto, maar ik was tijdens een storm in het bos. Ik bleef maar denken: wat zou er gebeuren als ik nu autopech zou krijgen? Als iemand me zou komen redden en het zou een man zijn, zou ik me erg ongemakkelijk voelen, als vrouw alleen in de auto. Toen dacht ik: en als ik zelf een auto zou zien, zou ik dan stoppen of doorrijden? Dat bleek een goed beginpunt te zijn voor een verhaal. Dat geldt ook voor Breng me terug. Ik was met mijn man in Frankrijk en we stopten even bij een benzinestation. Er was verder niemand. Mijn man was even weg en ik dacht: wat als ik niet meer in de auto zou zitten als hij terugkwam? Dat vond ik een goed idee voor mijn volgende verhaal. Zo gaat het dus meestal. Ik heb een idee en denk: dat is een goed beginpunt. En vanaf daar ga ik dan verder.

Ben je weleens bang dat je inspiratie ophoudt?
Die angst is er altijd, maar op dit moment ben ik bezig met mijn vierde boek en ik weet ook al wat ik wil schrijven in mijn vijfde en zesde boek en ik heb nog meer ideeën. Ik weet dat ik nog een paar boeken in me heb en ik hoop dat de inspiratie nooit ophoudt, maar we zullen zien.

Je zei dat je bezig bent met je vierde boek. Waar gaat dat over?
Ja, mijn vierde psychologische thriller, hoewel het meer een psychologisch drama is dan een thriller. Het hangt ervan af wat je een thriller noemt. Voor mij is een thriller iets met veel moorden en bloed. Daarom vind ik het lastig dat mijn boeken worden bestempeld als psychologische thrillers. Zoveel moorden en bloed zitten er ook weer niet in, een klein beetje maar. Mijn nieuwe boek gaat over vriendschappen die stuklopen, rivaliteit, schuldgevoelens, spanning, alle ingrediënten die meestal in mijn boeken zitten, maar dan met een andere verhaallijn. 

Wat doe je wanneer je niet schrijft?
Het enige nadeel van schrijver zijn is dat ik nooit echt vrij ben. Als ik niet schrijf, lees ik of kijk ik films. Ik ben nu een paar series aan het kijken, maar ik ben met mijn hoofd altijd bij mijn boek. Ik was laatst op vakantie en toen had ik mijn computer meegenomen en heb ik ook gewoon geschreven. De rest was allemaal tijdschriften en boeken aan het lezen, maar ik zat daar te schrijven. Ik vind het moeilijk om dat uit te zetten. Ik dacht steeds: waarom zou ik hier een tijdschrift gaan zitten lezen terwijl ik ook kan schrijven? Ik schrijf dus eigenlijk altijd. Maar dat is nu gewoon een deel van mijn leven geworden. Er gaat geen dag of 2 voorbij dat ik niet schrijf. En als ik niet schrijf, dan denk ik aan mijn boeken.

"Ik heb er echt een hekel aan om mensen teleur te stellen, dus daar voel ik wel enige druk over."

Ben je angstiger geworden nu je zoveel schrijft over manipulatie en dingen die mensen overkomen?
Niet meer dan daarvoor, want ik heb altijd al overal gevaar gezien. Mijn dochters vinden het overdreven. Er is bijvoorbeeld een heel mooi park vlak bij mijn huis, maar ik ga daar niet alleen wandelen. Althans, ik blijf op het grote pad, terwijl je er ook prachtig door het bos kan wandelen. Maar dat zou ik nooit doen in mijn eentje. Ik denk altijd dat er iemand achter de bosjes zit die me gaat vermoorden. Mijn angst houdt me tegen om dingen te doen, ik ben niet zo avontuurlijk. Ik zie altijd het risico van alles wat ik doe. Maar goed, dat helpt me wel bij het schrijven.

Wat is je grootste angst?
Ik denk mensen teleurstellen. Een boek schrijven dat iedereen vreselijk vindt. Ik heb er echt een hekel aan om mensen teleur te stellen, dus daar voel ik wel enige druk over. En verder heb ik hoogtevrees. Ik vind het vreselijk boven de grond, ik kan echt niet tegen hoogtes. Ik ben ook altijd bang in kermisattracties en zo. Dat is denk ik mijn grootste angst. En spinnen.

Is er iets waar je nooit over zou schrijven?
Ja, geweld tegen kinderen en expliciete, beeldende dingen. Ik beschrijf een moord nooit in detail. Dat kan ik niet beschrijven. Ik kan zulke dingen ook niet aanzien op tv. Ik hou bijvoorbeeld van Game of Thrones, maar ik ga vaak even de kamer uit. "Roep je me als dit voorbij is?" Ik hou er niet van om geweld te zien. Ik zou dus zeker niets over geweld tegen kinderen schrijven. Dat kan ik niet.

Denk je dat iedereen in staat is om een moord te plegen?
Nee. Ik denk wel dat iedereen in staat is om moordlustige gedachten te hebben, maar als puntje bij paaltje komt… ik denk dat het afhangt van de situatie. Als het om leven en dood gaat, zou je waarschijnlijk iemand vermoorden als je niet anders kon. Als ik zou worden aangevallen en ik had een mes, dan zou ik mezelf graag willen verdedigen. En op dat moment denk je waarschijnlijk niet aan het feit dat je iemand hebt vermoord. Je denkt dan alleen maar: ik moet mezelf beschermen. Het zal vast moeilijk zijn als je je daarna realiseert dat je iemand hebt vermoord, ook al was het zelfverdediging. Maar iemand zomaar in koelen bloede vermoorden, ik denk niet dat iedereen dat zou kunnen. Gelukkig maar, anders zou de wereld er een stuk slechter uitzien.

Wil je altijd op de hoogte zijn van de boeken binnen jouw favoriete genre? Stel je voorkeur in en ontvang updates.

Silvie Silvie