Interview

Carlos Ruiz Zafón: “Ik probeer beelden op te roepen in het hoofd van de lezer”

8-12-2017
Interview Zafon Header V2

Met Het labyrint der geesten sluit de Spaanse auteur Carlos Ruiz Zafón het vierluik Het Kerkhof der Vergeten Boeken af. Het eerste deel De schaduw van de wind, dat in 2001 verscheen, bezorgde hem internationaal succes. Het universum dat Ruiz Zafón in de vier delen schept, is gesitueerd in het Spanje van begin twintigste eeuw. Het mysterieuze Barcelona, waar het Kerkhof der Vergeten Boeken en de boekhandel van de familie Sempere zich bevinden, speelt een belangrijke rol. In dit laatste deel worden opnieuw bekende personages uit de eerdere delen opgevoerd, zoals Daniel Sempere, Fermín Romero de Torres en Julián Carax. Maar we maken ook kennis met een nieuw personage, Alicia Gris, die de hoofdrol pakt. Jacandra van den Broek interviewde Ruiz Zafón over het indrukwekkende vierluik. © foto: Jacandra van den Broek

Schrijven is als het bouwen van een kathedraal

Jacandra: Wist je toen je aan het eerste boek begon al dat het een reeks van vier boeken zou gaan worden en in hoeverre had je de verhalen reeds uitgedacht?
Zafón: "Ik had niet zozeer de intentie om een serie of saga te maken maar meer om een universum of labyrint van verhalen te creëren met aan de basis een soort van mechanisme waarmee de verhalen zich kunnen ordenen en herordenen. Hoe verder je als lezer in het verhaal vordert hoe minder het nog het verhaal blijkt te zijn dat je dacht dat het was. Het labyrint staat je ook toe om een andere kant in het verhaal op te gaan, afhankelijk van waar je in het verhaal instapt en welke reis je maakt. Om dit te creëren leek het me interessant om boeken te maken met hun eigen persoonlijkheid en tempo maar die onderling wel met elkaar verbonden zijn. Ze staan op zichzelf maar als je ze koppelt aan de andere, worden ze wat anders. Om dit voor elkaar te krijgen, heb ik bedacht dat ik het geheel in vier delen moest opbreken. Ik wist dat het me een hele tijd zou kosten om te maken en dat het gaandeweg zou veranderen. Want gedurende die jaren zou ik zelf ook veranderen. Ik wist dus dat het organisch moest zijn, maar de grote lijnen moesten ook al wel uitgewerkt zijn."

Het is als het bouwen van een kathedraal. In het begin kun je nog dingen veranderen maar zodra je begint te bouwen wordt de mogelijkheid om te veranderen steeds beperkter omdat de eerste stenen dan eenmaal liggen waar ze liggen.

Zou je nu iets willen veranderen aan de eerdere boeken?
Natuurlijk zie ik wel dingen die anders zouden kunnen. Maar als je voelt dat het zo het beste is wat je kunt maken, dan moet je er mee leven en er in berusten dat het is geworden zoals het is.

Ik probeer sowieso niet te veel aan mezelf te twijfelen. Ik heb bijvoorbeeld ook dingen in sommige van de boeken gedaan waarvan ik al van tevoren wist dat ze de lezer zouden schokken. Dat was bij het tweede boek het geval. Het eerste boek, De schaduw van de wind, is ontworpen als een verhaal van verlossing dat je tegen het einde bij de hand neemt en je alle geheimen onthult en je een goed gevoel geeft over veel dingen. Ook al zitten er, net als in alle delen, veel donkere aspecten in, tegen het einde word je daar uitgetrokken en neemt het verhaal je mee naar een fijne plek. Het tweede boek daarentegen, Het spel van de engel, doet precies het tegenovergestelde. Het dringt een aantal zaken op die sommige lezers onaangenaam vinden. De hoofdpersoon, David Martín, sluit een duivelse overeenkomst en wordt langzaam waanzinnig. Ik wist dat het niet altijd in goede aarde zou vallen. Maar ik wilde dit vertellen omdat ik erin geloofde dat het verteld moest worden.

Meerdere ingangen en verschillende genres

Voorin Het labyrint der geesten staat expliciet vermeld dat de vier boeken in de reeks van het Kerkhof der Vergeten Boeken in willekeurige volgorde gelezen kunnen worden. In het verhaal zelf wordt ook herhaaldelijk aangehaald dat een verhaal geen begin of eind heeft, maar meerdere ingangen of deuren waardoor je een verhaal kunt binnengaan. Is er geen ideale volgorde?
Lezers die de eerdere boeken al gelezen hebben, hebben al een bepaalde weg gevonden en zullen zeggen dat dat de enige weg is die je af kunt leggen. Andere lezers die op een andere plek ingestapt zijn, zullen dat weer anders ervaren. Je kunt op verschillende plaatsen beginnen, net als in een labyrint. Op die manier heb ik het opgezet. Het is zo gemaakt dat iedere weg de meest logische lijkt. Bovendien is het ook zo gebouwd dat het hopelijk uitnodigt om reeds gelezen delen weer opnieuw te willen lezen. Bij elke lezing valt er op die manier weer iets nieuws te ontdekken omdat men van een andere kant binnen komt.

Het vierluik is een hommage aan lezen en verhalen vertellen, het bevat boeken in boeken, er figureren uitgevers, schrijvers en boekhandelaren in, en het paleisachtige gebouw met daarin het Kerkhof der Vergeten Boeken is de droom van iedere lezer. In hoeverre hangt de keuze om veel verschillende genres in de vier delen te beoefenen, hiermee samen? Het idee was inderdaad om een groot boek te schrijven, dat in vier delen opgedeeld kon worden, dat alle genres tegelijkertijd representeerde. Elk deel verenigt in principe meerdere genres in zich, maar elk van de vier boeken heeft een eigen genre waar de nadruk op ligt.

Zo is het eerste boek een Bildungsroman, terwijl het ook een gothic novel, historische roman, een misdaad- en een horrorverhaal is. Het is vele dingen, maar de nadruk ligt op de klassieke Bildungsroman, op het verhaal van de kleine jongen die in de wereld komt kijken, verloren is, dingen moet uitvinden en opgroeit tot een jonge man die op het punt staat volwassen te worden. Het tweede deel is een klassiek Faustiaans verhaal. Wat mij betreft is dit genre een van de meest perfecte vormen want ieders leven bestaat in zekere zin uit kleine Faustiaanse verhalen. We maken een afspraak, we sluiten een deal en dan proberen we te overleven. Dit deel is ook een beetje een Victoriaanse gothic roman. Het derde deel is een avonturenroman, maar tegelijkertijd is het een luchtige komedie met vele duistere elementen. Maar in hoofdlijnen is het een avonturenroman want er is sprake van een Monte Christo, een kerel die in een vreselijke gevangenis is gezet en probeert te ontsnappen. En het vierde deel is een beetje een crime noir, het is een detectiveverhaal maar het heeft ook alle elementen die de andere delen hebben.

Mist en schaduwen zijn terugkerende motieven in je werk. Wat is je fascinatie met deze elementen?
Ik heb interesse in de werking van licht in fotografie en film. Ik denk daar veel over na. Ik bedenk hoe ik licht kan gebruiken en hoe licht je in staat stelt om te schrijven, te creëren, uit te leggen en sfeer te scheppen. Ik ben me voortdurend bewust van deze dingen en ik gebruik ze graag omdat mist en schaduwen elementen in het verhaal brengen die het beeld versterken. Wat ik probeer te doen is beelden oproepen in het hoofd van de lezer, hyperrealistische, driedimensionale beelden die sfeer en structuur toevoegen. Ik denk dat deze manier van vertellen de emoties en ideeën effectiever overbrengt.

Dunne grens tussen fictie en realiteit

Dat doet me denken aan de fotograaf die Alicia in het verhaal ontmoet (op pagina 436), met wie zij over het gebruik van licht praat. Is dit alles op enige wijze gerelateerd aan de foto’s die door het boek heen gebruikt worden als illustratie aan het begin van sommige hoofdstukken?
Jazeker, de foto’s zijn van de Catalaanse fotograaf Francesc Català Roca, een van de meest interessante fotografen van de twintigste eeuw voor mij. Bij het zoeken naar een cover van het eerste boek heb ik hem genoemd tegen mijn redacteur. De eerste drie boeken hebben allemaal een foto van hem op de cover. Alleen het vierde boek niet, maar de foto’s van Català Roca staan dus wel in dit boek zelf. Bovendien is hij een personage in het verhaal. De fotograaf die je noemde in je vraag is op hem gebaseerd.

Dit is niet de enige plaats in het boek waar de grens tussen fictie en realiteit dun is. Er worden meer bestaande personen opgevoerd, waaronder je voormalige Nederlandse uitgever Nelleke Geel, toch?
Ja, er hebben veel uitgevers, vertalers en agenten een rolletje in het boek. Deze mensen maken allemaal deel uit van de geschiedenis van deze boeken, ze hebben geholpen ze te creëren. En als Julián Sempere naar Parijs gaat om Carax te zoeken, komt hij terecht bij Carax’ beste vriend, die in de catacomben werkt en hem de sleutel geeft tot het vinden van Carax. Die vriend is gebaseerd op een van mijn eigen beste vrienden. Al dit soort personages die kunnen worden herkend door mensen die hen kennen, zitten verstrooid door het boek waarvan veel aan het einde.

Omdat deze reeks de eigenschap heeft om boeken in boeken in boeken te herbergen en met het idee speelt van een verschuivende lijn tussen werkelijkheid en fictie, vond ik dit goed passen. Vanaf het begin onderzoeken de personages dit gegeven, hun levens worden boeken, boeken worden hun levens, het heeft met het hele proces van verhalen vertellen te maken. Tegen het einde valt alles op zijn plaats en begrijp je waarom al die puzzelstukjes aanwezig waren en waar ze thuishoren.

Kom je zelf ook in het boek voor?
Ja, hoewel sommigen me willen projecteren op Daniel Sempere, maar ik ben niet Daniel, want hij is een veel naïevere en pure ziel dan ik ben. Ook ben ik niet David Martín, de getormenteerde schrijver in Het spel van de engel. Sommigen denken dit omdat het tweede deel in de eerste persoon is geschreven en hij een schrijver is. Natuurlijk heeft hij wel bepaalde aspecten van mij in zich, net als veel andere personages. Maar de drie personages in de reeks die echt mij zijn, zijn niet per se de voor de hand liggende, dus ook niet Julián Sempere op het einde.

Ik heb mezelf als het ware in drieën gedeeld en het eerste deel heb ik in Julián Carax gestopt. Hij is de obscure schrijver uit De schaduw van de wind wiens verhaal een afronding krijgt in het vierde deel. Ik heb hem altijd gezien als een beetje een donkere, gothische karikatuur van mezelf. Het verschil is dat zijn levensomstandigheden verschrikkelijk waren terwijl die van mij veel voorspoediger waren. Maar hij is een personage dat een heel belangrijk deel van me uitmaakt. De tweede is Fermín Romero de Torres, dat een beetje een pittoresk personage is. Hij geeft uitdrukking aan mijn eigen gevoel voor humor, mijn manier van naar de wereld kijken. Hij is ook mijn morele kompas, als ik het met iemand eens ben over morele kwesties en over goed en kwaad dan is het vaak met Fermín. Ik heb van hem wel een eigenaardig personage gemaakt. Hij uit zich soms op een ongepaste manier omdat hij voor de komische noot moet zorgen. Maar hij is het morele centrum van mijn verhaal, hij heeft een goed hart en hij probeert een betere man te zijn. De derde persoon die belangrijk voor me is, verschijnt pas in het vierde boek, dat is Alicia Gris. Dit lijkt de vreemdste en minst voor de hand liggende omdat ze een vrouw is. Maar Alicia staat toch het dichtst bij mij van alle drie, zij komt het dichtst in de buurt van wie ik ben.

Deze drie personages functioneren als volgt: Carax is de aanstichter, alles komt voort uit iets dat Carax doet, Fermín is de getuige, hij is de verenigende draad tussen alle thema’s en personages, en Alicia is de vertegenwoordiger van de verlossing. Zij is nodig om aan alle draden te trekken en zij is de enige die de anderen uit de ellende kan halen. Samen vormen deze personages mijn heilige drie-eenheid.

Als Alicia een afsplitsing is van jezelf, en de hoofdpersonen in de andere delen mannen zijn, hoe komt het dan dat je haar als hoofdpersoon van dit laatste deel toch vrouwelijk hebt gemaakt?
Ik begon met haar als een man te schrijven, maar toen ik ongeveer een kwart met het boek gevorderd was, besloot ik dat het niet klopte. Ik gooide alles weg en ben opnieuw begonnen omdat ik plotseling wist dat ze een vrouw moest zijn. Dat had te maken met haar relatie met Fermín en zijn besef van lotsbestemming. Hij heeft het gevoel dat hij tekort is geschoten toen zij een klein meisje was. Hij leeft in de veronderstelling dat ze in de burgeroorlog is omgekomen. Daardoor neemt hij telkens de rol van beschermengel op zich bij andere personages en met name bij Daniel. Als Alicia dan plotseling weer in zijn leven opduikt, als een soort geest uit zijn verleden die hem gemaakt heeft tot wie hij is, is hij erg in de war en bevreesd. Het komt uiteindelijk goed tussen hen en Fermín krijgt alsnog de gelegenheid haar te redden en te beschermen. Alicia redt hen vervolgens allemaal omdat zij de enige is die dat kan doen.

Het interessante van de keuze om haar vrouwelijk te maken is dat het daardoor mogelijk was om met perceptie te spelen. Het feit dat ze een vrouw is, maakt dat iedereen haar op een bepaalde manier ziet, terwijl dat niet is wie zij is. Ze weet dit en gebruikt dat in haar voordeel. Ik vond dat in het bijzonder interessant in de context van het Spanje van de jaren ’50 en ’60 waarin zij leeft. Zij heeft maling aan de conventies van haar tijd, en overtreedt alle regels.

Een ander interessant aspect aan Alicia is dat zij de vertolking is van het concept van het gestolen leven, wat een belangrijk thema in het verhaal is.
Ja, als zij Daniels vrouw Bea ontmoet, ziet ze voor zich hoe haar eigen leven had kunnen zijn. Ze zou graag Bea’s plaats innemen, een boekwinkel en familie willen hebben en een normaal leven willen leven, in plaats van gevangen te zitten in een wereld van pijn en duisternis. Ze is een soort van engel van de duisternis die voortdurend probeert om over te steken.

Is het gegeven van de gestolen kinderen in het verhaal gebaseerd op de werkelijkheid?
Het is een van de dingen die ik niet verzonnen heb, het maakt deel uit van Spanje’s geschiedenis. Er komen steeds meer van dit soort gevallen boven water. Het is een van de fundamentele thema’s en tragedies van Europa’s twintigste eeuw, en van de Spaanse Burgeroorlog. Hele generaties van mensen wiens levens verwoest en gestolen zijn door de hebzucht, waanzin, stompzinnigheid en het fanatisme van anderen. Ze moesten levens leven die niet van hen waren. Ik wilde dit gegeven gebruiken en ik wilde Alicia hiervoor symbool laten staan, en haar voor een oplossing laten zorgen.

Vragen oproepen zonder antwoorden te geven

Zou je zeggen dat Het labyrint der geesten geschikt is voor bespreking in een leesclub?
Ik denk van wel. Ik weet dat veel leesclubs mijn boeken hebben behandeld, ze nodigen uit tot discussie. Een van de dingen die ik probeer over te brengen, zo je wilt de boodschap van mijn werk, is de uitnodiging om kritisch te denken, en vooral voor jezelf te denken. Neem dingen die je voorgeschoteld krijgt niet klakkeloos voor waar aan, goed of slecht, maar trek je eigen conclusies door je hersens te gebruiken en zaken te analyseren. Als je fouten gaat maken, maak dan tenminste je eigen fouten en niet die van anderen.

De wereld zit vol met mensen die ons willen vertellen wat we moeten denken of doen, maar al die mensen hebben motieven of een agenda. Het is nodig om te bedenken wat hun motivatie is en dit alles in overweging te nemen voordat we onze eigen conclusies trekken.

Leesclubs en het gegeven dat mensen over hetzelfde lezen en toch verschillend reageren, tegengestelde meningen hebben en met elkaar discussiëren, vind ik geweldig.

Waarover wil je graag dat lezers in een leesclub praten als ze je boek bespreken?
Eigenlijk over alles waartoe het boek ze inspireert, want als literatuur één ding doet is het vragen oproepen, zonder voorgefabriceerde antwoorden te leveren. Bijvoorbeeld over waarom we het leven leven dat we leven en de mensen zijn geworden die we zijn, over identiteit, over herinneringen, over morele keuzes. Ik heb duizend dingen geplant in de hoop dat iemand een van die dingen oppikt. Ik wil natuurlijk dat mensen zich vermaken tijdens het lezen maar misschien blijft een van die dingen hangen nadat ze het verhaal uit hebben. En wellicht weten ze niet eens dat het uit het boek komt, dan werkt het waarschijnlijk het beste. De ervaring van leven met het verhaal heeft beelden, ideeën en emoties geplant die je je dingen laten afvragen en je met een andere blik naar iets laten kijken.

Je hebt het boek nu al een tijd geleden afgerond. Wat komt er na deze magistrale serie?
Ik heb duizend ideeën waaruit ik een shortlist heb gemaakt. Maar ik ben nog nergens aan begonnen. Ik weet ook pas welke van die ideeën een volgende roman gaan worden als ik eraan begin te werken. Ik ben niet een van die schrijvers die meteen aan een nieuw project moeten beginnen op de dag dat ze hun manuscript inleveren omdat ze anders gek worden. Ik denk graag een tijdje na, ook omdat ik graag elke keer iets anders wil doen. Ik heb nu dit grootse project gedaan, dat me langer heeft gekost dan ik aanvankelijk dacht, maar dat ik eens in mijn leven wilde doen omdat het een uitdaging was. Bovendien wil ik ook tijd besteden aan het schrijven van muziek, aan mijn vrienden en aan reizen. Ook maak ik voor mezelf graag korte films, onder andere over licht. Ik werk om te leven, ik leef niet om te werken.

Het complete vierluik van
Carlos Ruiz Zafón