Interview

Derk Bolt: “De ontvoerders dachten dat we CIA-agenten waren”

Door: Janneke
03-01-2018
Derk Bolt Winterfair

In juni werd Spoorloos-presentator Derk Bolt ontvoerd in Colombia. Veilig en wel weer thuis heeft hij een boek geschreven over zijn belevenissen, Ontvoerd, het complete verhaal. Janneke Siebelink, hoofdredacteur van online Lees Magazine van bol.com interviewt hem op de Margriet Winterfair over de ontvoering, zijn helse tocht door de jungle en zijn vriendschap met cameraman en medegijzelaar Eugenio.

Je werkt al 25 jaar voor Spoorloos. Je ging naar Colombia, een relatief veilig land.
Het is steeds veiliger geworden. Het grootste gedeelte was 25 jaar geleden onveilig en nu is het overal veilig, op een paar randjes na. Dat ene randje waar we terechtkwamen was blijkbaar niet veilig genoeg. We vragen altijd na bij de lokale bevolking, de politie en het leger of de route die we willen rijden veilig genoeg is om te doen en iedereen zei dat het kon. Blijkbaar zijn de Colombianen optimistische mensen. Uiteindelijk kwamen we toch zo erg in de rimboe terecht dat we zelf het gevoel hadden dat er iets mis was. De plaats van bestemming zou volgens Google Maps 4 uur rijden zijn, maar na 8 uur rijden moesten we nog 4 uur rijden volgens de lokale bevolking. Dat geeft al aan dat er iets niet helemaal goed is. We gingen hem toch wel een beetje knijpen, maar we hebben hem te laat geknepen.

Waarom luisterde je niet naar je intuïtie?
Uiteindelijk denk je: we willen toch graag die man spreken, we willen er naartoe, het is een mooie route. De omgeving is mooi, het is altijd leuk om naar kleine dorpjes te gaan, dat geeft een bepaalde couleur locale in de reportage. Na een tijdje kwamen we in aanraking met niet zo vriendelijke jongeman die ons aanhield en de camera wilde hebben. Toen we dat weigerden, trok hij zijn pistool en hield ons onder schot. Uiteindelijk begon zo de hele affaire van de ontvoering. Hij dacht zeker te weten dat wij agenten waren van de CIA en aan het infiltreren waren in hun cocaïnebied, want dat wordt daar veel verbouwd, om dat door te geven aan de overheid. Dat was natuurlijk helemaal niet zo.

Wat voelde je toen?
In eerste instantie is het ongeloof. Je denkt dat het allemaal opgelost wordt, want er komt zo iemand met verstand. Die leg je uit wat er aan de hand is en die zegt dan dat we door mogen rijden. We worden wel vaker aangehouden of gearresteerd omdat mensen niet begrijpen wat je aan het doen bent. En als je ze dan hebt overtuigd van het nut en de vriendelijkheid van de opdracht waarmee je bezig bent, smelten de boevenharten en gaat iedereen een beetje lachen en dan is het allemaal prima. Maar in dit geval gebeurde dat niet. Het ging van kwaad tot erger eigenlijk. En niemand kon iets voor ons doen.

Wat gebeurde er toen? 
Toen kwam de commandant van de ELN, de guerrilla, Jaguar, die keek naar onze spullen en zei: “Wij moeten uitzoeken wie jullie zijn, dus jullie gaan mee de jungle in.” Met zijn 8 compagnons, gewapend met pistolen, namen ze ons mee de Rivier des Doods over, richting het eerste huis waar we zouden overnachten.

En je had geen flauw idee wat er zou gebeuren? 
Nee. We hadden niks meer, geen telefoon, geen bagage. Je hebt een overhemd, een broek en schoenen aan en daar moet je het op zien te redden. Dus je vraag je wel af: gaan ze dat met ons ook doen?

Hoe snel gaat dat in je hoofd? Binnen 24 uur is het leven gekanteld. Wat gebeurt er psychisch met je? 
Je maakt je heel erg ongerust en je bent heel erg bang natuurlijk, want je interpreteert alle woorden alsof ze betrekking hebben op jou. Je maakt je voortdurend zorgen. Ik heb letterlijk gevraagd aan die man: “Ga je ons doodschieten?” Onze commandant, die verder een sympathiek persoon was, zei: “Nee, natuurlijk gaan we dat niet doen. We schieten geen gijzelaars dood.” Ik wilde zeggen: “In het verleden wel”, maar ik wilde niet te bijdehand zijn. Uiteindelijk krijg je dan een beetje rust in je dat je de eerste dag wel zult overleven, maar je weet verder totaal niet wat de legerleiding met je van plan is. We hebben gevraagd: “Wat zijn de kansen dat we dit overleven?” Hij zei: “Wat mij betreft 100%, maar het enige wat jullie in de weg kan zitten, is het ingrijpen van het leger.” Het leger wist meteen dat wij ontvoerd waren, dus die kwamen meteen met helikopters langs vliegen. De derde dag kwamen ze zo dichtbij, dat we moesten vluchten. De commandant zei: “We springen de jungle in en we gaan er vandoor.” Dat was het begin van de tocht die hels mag worden genoemd en waar het levensgevaar elke minuut aanwezig was. Ik dacht dat we het niet zouden overleven. Zo’n tocht duurt 18 uur.

"Ik dacht dat we het niet zouden overleven."

Kun je daar een moment uit halen?
Het eerste moment is dat je door die groene muur heen springt en ziet dat je in de jungle staat, zonder pad. Je moet toch iets, want die helikopters zitten achter je aan. Je struikelt een beetje, je ziet al die boomscheuten en je denkt: als ik hier struikel, val ik in zo’n bamboestok en dan ben ik dood. Ik zei ook tegen de commandant: “Laat mij hier maar liggen. Schiet me maar dood, want ik ga het toch niet halen.” Daar was hij erg verbolgen over, dat vond hij maar slap watjesgedrag. Hup meekomen, niet zeuren, niet jammeren, rennen. En alles wat je vastpakt, stort in. Een liaan breekt af. Een boom blijkt helemaal geen boom, maar een stuk schors. Zo gaat dat 18 uur door. Je moet dus voortdurend denken. En dan wordt het donker, zie je niks meer. Na 8 uur mochten we even liggen. Toen had ik al een aantal ribben gebroken, maar dat wist ik toen nog niet. Ik was 3 keer op mijn linkerzij gevallen en ik had heel veel pijn, dus ik dacht wel wat er al wat mis was, maar gaandeweg die tocht ontstaat er een soort overlevingsgevoel. Mijn cameraman had dat veel sterker dan ik, want die is veel stoerder dan ik. Hij zei: “Dit gaan we overleven.” Dan ga je dat geloven en dan komt er een soort adrenaline los, waardoor je veel dingen niet meer voelt en waardoor er een soort geluk bij je komt dat je normaal niet hebt. Een engeltje op je schouder.

Wat heb je over jezelf geleerd?
Ik heb in ieder geval geleerd dat, terwijl ik het al heel erg verschrikkelijk vind om de stad in te fietsen met tegenwind, je best wat aankunt als je op de proef gesteld wordt. Als je je voorneemt dat je het gaat overleven, dan kun je echt tot een extreem uiterste gaan. Wij waren echt wel helemaal kapot. Na die eerste 18 uur kwamen we de jungle uit en toen konden we niks meer zeggen en niet meer bewegen.

Heb je gedacht aan ontsnappen?
We hebben natuurlijk wel gesproken over ontsnappen, maar het zou toch verdraaid vervelend zijn als je uiteindelijk een nekschot krijgt en je hebt nooit geprobeerd eraan te ontkomen. In de film zie je dat ook altijd. In de bioscoop zeg je dan: “Ga dan, doe wat, pak een pistool, schiet hem overhoop!” Maar wij weten nog niet eens hoe je een pistool van de veiligheidspal moet krijgen en wat er gebeurt als je de pin van een handgranaat eruit haalt.

Probeerden jullie een beetje vriendschap te sluiten?
Ja. Het beste wat je kunt doen is redelijk blijven, aardig blijven, niet vragen naar hun heldendaden, niet vragen wat voor wapens ze hebben of wie ze vermoord hebben. Dat is niet goed voor de stemming. Praat maar gewoon over hun hobby’s. De een wilde gitaar spelen, de ander wilde schilder worden, eentje wilde zelfs paus worden.

Je bent al twee keer terug geweest. Heb je die mensen weer ontmoet?
Nee, maar ik zou ze wel heel graag willen spreken. Iedereen vraagt: heb je het verwerkt door het schrijven, of was er niks met je aan de hand? Dat schrijven heeft zeker geholpen, hoewel er geen dramatische dingen verwerkt hoeven te worden, maar ik ben er steeds meer van overtuigd dat het voor mij pas is afgerond als ik deze jongelui nog een keer heb gesproken.

"Het was heel goed dat we met z’n tweeën waren, want je moet er niet aan denken dat je dit alleen moet doormaken."

Heel Nederland leefde mee, maar de berichtgeving was niet altijd betrouwbaar. Hoe was dat voor het thuisfront? Laten we het aan je familie vragen. 
Moeder van Derk: Heel moeilijk. Maar we waren wel vaak met de hele familie. En dan moet je wel iets doen, er moet gegeten worden en dergelijke. Dan doe je iets. Met z’n allen kwamen we er overheen. 
Zus van Derk: We hoorden in eerste instantie alleen: ‘Ze zijn vermist.’ Dat is een heel eng moment. Je weet niet wat er gebeurd is, waar ze zijn en of ze nog leven? Uiteindelijk hoorden we wel dat ze in leven waren, maar er niet goed aan toe waren.

Hoe eindigde de ontvoering van 7 dagen?
Het eindigde met 2 saaie dagen. Je bent dus door de jungle heen gegaan. Helemaal aan het eind van je Latijn kom je aan in een safe house, waar we bij een gezin terecht zouden komen en de ontwikkelingen verder af konden wachten. Waarschijnlijk had de legerleiding ook wel gezien dat wij zodanig toegetakeld waren dat ze niet met ons nog een keer de jungle in moesten gaan. We mochten een beetje bijkomen. Die 2 dagen waren we bij een gezin met 2 jonge kinderen. We hadden het grote geluk dat deze mensen een televisie hadden met satellietzenders, en dat de Confederations Cup aan de gang was. We konden voetbal kijken en we konden koffie drinken. En dat was het vervelende voor de familie in Nederland, die wisten dat totaal niet. Die konden wel denken dat onze oren afgesneden werden en de nagels uitgetrokken. Dat was dus helemaal niet het geval. 

Jij en je cameraman Eugenio waren al vrienden. In hoeverre heeft dit jullie vriendschap versterkt?
Het was heel goed dat we met z’n tweeën waren, want je moet er niet aan denken dat je dit alleen moet doormaken. Eugenio is best een sterke, stevige gozer, dus die is best tot steun als het gaat om doorzetten en volhouden, dat is motiverend. Ik kon dat goed gebruiken, want ik jammer alleen maar. Ik kan niet lijden in stilte, ik moet met groot vertoon van schreeuwerigheid melden dat ik ben gevallen. Het is belangrijk dat je elkaar goed kent en goed bevriend bent, dat het geen vreemde voor je is. Dat telde wel mee. Sinds die tijd zien we elkaar vrij vaak en af en toe praten we er nog eens over. Maar ik heb ook geleerd hoe hij dit soort dingen geestelijk verwerkt en hoe ik dat doe. Dus ik kan nu beter in zijn ziel kijken dan daarvoor en dat verandert mijn houding in sommige gevallen als we aan het werk zijn. Want dan denk ik: ik kan dit wel zeggen, maar daar kan hij niet tegen. Dat heb ik gemerkt in die week toen we op elkaar aangewezen waren.

Zou je Colombia nog steeds aanbevelen als reisbestemming?
Ja, ik zou het zeker aanbevelen. Alleen je moet niet naar dat gebied gaan. Kies de veilige gebieden. Colombia is een prachtig land. Ik geef 1 tip: als je de koffieroute naar Medellín doet, dat is een hele overzichtelijke route, doe het dan in de oogsttijd, dan zijn er altijd feesten in de dorpen. Er zijn prachtige ecolodges, niet duur, en een schitterende omgeving.

Janneke Thumb Janneke