Toneelbewerking Vele Hemels Boven De Zevende Header V2

Interview over de toneelbewerking van 'Vele hemels boven de zevende'

Griet Op de Beeck won met haar debuutroman Vele hemels boven de zevende (2013) meteen de harten van vele lezers. In het boek staan vijf personages centraal die, hoewel allemaal erg verschillend van aard, toch onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Lou, Eva, Elsie, Casper en Jos gaan allen gebukt onder geheimen, tot de situatie voor geen van hen nog draagbaar is en de bom wel moet ontploffen. Dat het familiedrama diep onder de huid kruipt vond ook Léon van der Sanden. Hij bewerkte de romantekst tot het toneelscript dat de volgende maanden door Bos Theaterproducties op de planken wordt gebracht. Léon van der Sanden legt voor Lees Magazine uit hoe hij te werk ging.

De grens tussen leugen en waarheid

Léon van der Sanden las het boek meteen na het verschijnen ervan en was zowel gefascineerd door de mooie beeldende zinnen, als door de veelvuldigheid en diepgang van het familiedrama. Ieder personage heeft een eigen groot dilemma en geheim, worstelt met onmacht, hulpeloosheid, pijn en liefde. De geheimen moeten koste wat kost voor de anderen verborgen blijven – de waarheden worden pas onthuld als het veel te laat is – en de consequenties zijn gruwelijk.

In het boek speelt het meeste zich af in de hoofden van de personages. Ook in de toneelbewerking krijgt ieder personage de kans om zijn of haar verhaal te doen. Op die manier wordt het grote thema aangescherpt. Bovendien wordt zo ook vermeden dat het publiek van begin af aan de personages kan indelen in de “goeden” en de “kwaden”.

"Dit alles bouwt op en resulteert in de lange en uiterst dramatische scène aan het einde"

Het verschil tussen literatuur en toneel

Het grootste verschil tussen roman en toneel is simultaneïteit. In de voorstellingen staan de personages vrijwel de hele tijd op het toneel. Daardoor heeft ieder zinnetje dat uitgesproken wordt betrekking op alle andere personages. Ook als ze in feite ‘in het hoofd’ zitten van het personage en met het publiek worden gedeeld. Die ander personages kunnen daar al dan niet op reageren.

In het boek krijgt elk personage een eigen hoofdstuk, maar deze bewerking is geen montage van monologen. Het begint wel met losse flarden tekst, maar vanuit daar ontstaan steeds langer wordende situaties en dialogen tot zich uiteindelijk hele scènes tussen de personages afspelen. Dit alles bouwt op en resulteert in de lange en uiterst dramatische scène aan het einde, waarin de verjaardag van Jeanne wordt gevierd – en de uiteindelijke waarheid voor allen aan het licht komt.

Je kunt dus zeggen dat vorm en inhoud samenvallen: in het begin hoor je wat in de hoofden zit en niet aan de andere familieleden wordt medegedeeld. Gaandeweg worden de familieleden steeds opener en gaan – al dan niet noodgedwongen – de dialoog met elkaar aan. De vader biecht bijvoorbeeld halverwege in een dialoog zijn grote geheim op aan zijn dochter Eva. Elsie en Eva hebben een knallende ruzie over de liefde en Grote Gevoelens. Bij de verjaardag van Jeanne ontploft alles en worden de geheimen onthuld, maar dan is het al te laat voor Eva.

"Zij is het slachtoffer van het zwijgen en het gebrek aan liefde tussen de ouders en hun egocentrisme."

De ziel van de tekst

Dat de uitgesproken Vlaamse schrijfstijl van Griet op De Beeck het Nederlandse publiek niet afschrikt, blijkt uit het grote succes van haar boeken in Nederland. Léon van der Sanden regisseerde eerder een aantal stukken van Hugo Claus en heeft dus ervaring met het spel tussen de Nederlandse en Vlaamse taal. Voor deze toneelversie werd afgestapt van de aanspreekvorm ‘gij’, maar Vlaamse uitdrukkingen en zinswendingen werden niet geschrapt. Op die manier behouden de beeldende en poëtische zinnen hun kracht en wordt de veelkleurigheid en volheid van de roman gehandhaafd.

Léon Van der Sanden gaat uit van de roman als autonoom kunstwerk zijnde. Het is zijn opgave als bewerker om ernaar te streven een zekere essentie, de ziel van de roman, eruit te halen. De romantekst is het uitgangspunt. Van daaruit moeten een aantal keuzes worden gemaakt en moet de tekst geïnterpreteerd worden. Zo krijgen de vader en Eva in deze bewerking een centrale plaats: hij is de schuldige, degene die worstelt. Zij is het slachtoffer van het zwijgen en het gebrek aan liefde tussen de ouders en hun egocentrisme.

De toneelbewerker hoopt dat de voorstelling een pleidooi is voor een gevoelige vorm van openhartigheid, ook als het gaat om onaangename kwesties. Al moet openheid niet verward worden met de beruchte Hollandse botheid. Verder hoopt hij al te snelle oordelen tegen te gaan en een pleidooi voor de liefde te kunnen houden, al is het daar voor Eva op het toneel te laat voor.

Voorstellingen Een topcast met o.a. Henriëtte Tol, Hanne Arendzen, Peter Bolhuis, Stefan Rokebrand en Anne Lamsvelt brengen onder regie van Ursul de Geer de toneeltekst tot leven. Je kunt hen nog tot eind mei in verschillende zalen in Nederland aan het werk zien.