Interview met Monica Wood over Een buitengewoon leven

Hand 1250677 1920

In Een buitengewoon leven beschrijft Monica Wood de bijzondere relatie tussen een 104 jaar oude Litouwse vrouw en een 11-jarige scout. Silvie van der Zee interviewde haar over deze ontroerende roman.

Een ongewone vriendschap

De vriendschap tussen de hoofdpersonen lijkt nogal ongewoon. Hoe kwam je op het idee om over deze vriendschap te schrijven?
Ik voelde me als kind al aangetrokken tot oude mensen. Ik ben mijn ouders, ooms en tantes verloren op relatief jonge leeftijd (mijn vader toen ik negen was, mijn moeder toen ik 21 was), dus ik had alleen mijn opa. Ik denk dat dit verklaart waarom ik me al mijn hele leven aangetrokken voel tot hele oude mensen.

Waarom heb je voor Litouwen gekozen als het vaderland van Ona?
Ik ben opgegroeid in een klein stadje in de staat Maine in de Verenigde Staten. We woonden op de derde verdieping van een flatgebouw met een Litouwse huisbazin, een formidabel figuur. Ze was lang en dominant en had een zwaar accent. Een klein deel van het personage Ona is op haar gebaseerd.

Buitengewoon

Het jongetje

Het jongetje speelt een grote rol in het boek, maar wordt steeds ‘de jongen’ genoemd. Waarom heeft hij geen naam?
Vier jaar lang heb ik hem tijdens het schrijven van het boek geprobeerd een naam te geven. Maar het paste niet. Uiteindelijk realiseerde ik me dat het verkeerd zou zijn om hem een naam te geven, omdat hij dan een plek in de wereld zou krijgen die niet klopte. Hij is meer een gegeven dan een echte jongen, en dat wordt versterkt doordat hij geen naam heeft. Mijn zus heeft hem later wel een naam gegeven, maar alleen mijn man en ik weten daar vanaf.

Hoe denk je dat het de jongen als volwassene zou zijn vergaan?
Ik kan hem me totaal niet voorstellen als volwassene. Voor mij blijft hij altijd elf jaar oud.

Het verlangen naar verbondenheid, naar sociale verbanden, zit in ons DNA en bepaalt elke beslissing die we maken, of we ons dat nu realiseren of niet.

Monica Wood Zw2 E1458131611480
Monica Wood

Groepsdieren in hart en nieren

Het terugkerende thema in je boeken is ‘het onvermijdbare en vaak misplaatste menselijk verlangen naar verbondenheid’. Waarom is dit thema zo interessant om over te schrijven?
Ik ben gefascineerd door hoe mensen constant en onbewust leegtes in hun leven proberen op te vullen. Een goede vriendin, Hannah Holmes, schreef The Well-Dressed Ape (De Goedgeklede Aap) en dat boek heeft de manier waarop ik naar mensen kijk drastisch veranderd. Het verlangen naar verbondenheid, naar sociale verbanden, zit in ons DNA en bepaalt elke beslissing die we maken, of we ons dat nu realiseren of niet. Dus wat is er dan beter dan te schrijven over dat aangeboren, onmiskenbare, onvermijdbare verlangen naar verbondenheid?

Je hebt ook diverse tips voor schrijvers gepubliceerd. Waarom vind je het belangrijk om anderen te stimuleren om te schrijven?
In de staat Maine, waar ik woon, hebben we een enorm grote schrijfgemeenschap. Schrijvers die hier naartoe verhuizen vanuit New York kunnen nauwelijks bevatten hoe hecht we zijn, hoe we elkaar aanmoedigen en elkaar steunen. De staat is heel erg groot qua oppervlakte, maar er wonen maar 1,3 miljoen mensen, dus we komen elkaar regelmatig tegen. In mijn stad, Portland, zit ik in een schrijversgroepje dat regelmatig bij elkaar komt om te praten, roddelen, winkelen en steun te geven en te ontvangen. Deze literaire vriendschappen zijn heel belangrijk en ik ben er erg dankbaar voor.

Children 704450 1920 300X155

Het mooiste moment van mijn leven

Waar werk je momenteel aan?
Op dit moment schrijf ik mijn tweede toneelstuk. Nu is het nog een zooitje, zoals dat hoort in deze vroege fase. Je moet helaas eerst heel slecht schrijven, voordat je goed schrijft. Ik zou willen dat het sneller kon. Als dat kan, dan hoop ik dat iemand me dat vertelt voordat ik oud ben.

Bevalt het schrijven van toneelstukken?
Mijn eerste toneelstuk is vorig jaar in première gegaan, dat was de beste ervaring tijdens mijn carrière. Het was zo gedenkwaardig door de samenwerking met acteurs, regisseurs en producenten. We hebben vier hele weken gerepeteerd (mijn laptop en printer stonden in de repetitieruimte) en daarna vijf weken gespeeld, heel intensief, maar ook erg leuk. Het toneelstuk bleek ook nog eens de bestverkopende voorstelling te zijn in de geschiedenis van het theater, waarschijnlijk deels omdat het over arbeiders in de papiermolen ging. Arbeiders, die normaal gesproken niet naar het theater gaan, kwamen met honderden tegelijk naar de voorstelling. In vijf weken tijd kwamen er 10.000 mensen kijken. Dat was zo bijzonder!