Interview

Mechtild Borrmann over Oorlogskind: “Men hulde zich in een collectief zwijgen.”

Door: Janneke
08-06-2018
Oorlogskind Header

De jonge Hanno Dietz probeert vlak na de Tweede Wereldoorlog samen met zijn moeder en zusje te overleven in het platgebombardeerde Hamburg. Stenen houwen, brandhout en oud ijzer verzamelen tussen het puin, gevonden spullen verhandelen op de zwarte markt - het is zijn dagelijks bestaan. Maar op een dag vindt hij tussen het puin een dode vrouw. En vlak bij haar een jongetje van een jaar of drie, in opvallend nette kleding. Het kind praat niet, en er is niemand die bij hem hoort. Hanno neemt hem mee en de jongen zal uiteindelijk opgroeien in het gezin Dietz. Jaren later bevindt deze wees uit de puinhopen zich op het spoor van een misdaad met banden naar zijn werkelijke familie...

Mechtild Borrmann schreef een ontroerende en intrigerende roman in de traditie van Haar naam was Sarah, laverend tussen het heden en de zware naoorlogse jaren in Hamburg. Het verhaal is gebaseerd op waargebeurde, nooit opgeloste Trümmermörder, de puinmoorden, die in de winter van 1947 hebben plaatsgevonden in Hamburg.

Identiteit

‘Wat mij zo intrigeerde aan het verhaal, dat iemand mij vertelde na afloop van een lezing, is dat deze mensen nooit zijn geïdentificeerd. Het was een extreem koude winter, in de eerste maanden van 1947 lagen de temperaturen tussen min tien en min twintig graden. Het duurde een paar dagen voordat de lichamen waren ontdooid en men er sectie op kon verrichten. Er hingen aanplakbiljetten op aan de reclamezuilen en huizen, met daarop foto’s van de vier moordslachtoffers van de afgelopen wintermaanden, maar de misdaden zijn nooit opgelost. In de openbare archieven in Hamburg kon ik alle politierapporten uit die tijd terugvinden, na 30 jaar verjaart de geheimhouding en kan iedereen deze documenten inzien. Mijn fantasie heeft deze mensen een stem gegeven, een heel leven. En een mogelijke oplossing voor de moorden.’

"Maar nu waren de rails bevroren, treinen reden er nog maar zelden en de tommy’s hadden de bewaking verdubbeld. Kolen waren bijna niet meer te krijgen. Hun huis in de Ritterstraße was bij een bombardement verwoest en hij woonde er nu met zijn moeder en zusje in een kleine kamer die snel afkoelde. Als ze er niet op zijn minst ’s avonds een paar uur konden stoken, was het er ’s nachts net zo koud als buiten. Drie dagen geleden was de oude mevrouw Schöning, aan wie hij ook altijd wat kolen had gegeven, in haar noodonderkomen bevroren. Van de levensmiddelen die ze op de bon kregen raakte je niet verzadigd. Zijn moeder ging stenen houwen, maar dat ze alle drie in elk geval af en toe min of meer verzadigd raakten, daar zorgde hij voor met zijn vondsten, die hij ruilde op de zwarte markt. Twee dagen geleden had hij een etui met een luxe vulpen en een potje inkt gevonden. Tien Engelse sigaretten had een tommy hem daarvoor gegeven, en die hadden hem twee kilo aardappels en een knol opgeleverd."

Verleden

‘Wat mij ook fascineerde aan het verhaal was dat er zo weinig is gesproken over die naoorlogse jaren in Duitsland. Men hulde zich in een collectief zwijgen. Ja, schaamte speelde, speelt, een grote rol: wij hebben immers de oorlog veroorzaakt, het is vervolgens niet aan ons om de slachtofferrol toe te eigenen. Er werd niet over gepraat. Ook omdat er liever naar de toekomst werd gekeken en omdat er werk aan de winkel was: het land moest opnieuw opgebouwd worden, er was geen tijd om stil te staan bij wat er is gebeurd. Ook waren er veel mensen die helemaal geen deel hebben genomen aan de oorlog, zoals mijn opa en oma. Die namen geen stelling, die leefden “gewoon” hun leven. Geen helden, maar ook geen daders. Het is ruim zeventig jaar geleden, veel mensen die in die tijd een verantwoordelijkheid hadden kunnen nemen, zijn bijna allemaal overleden. En zeventig jaar schept ook een grote afstand. Onder jongeren heerst een mentaliteit van “dat is nu inmiddels zo lang geleden, daar hoeven we niet meer over te praten”. Het is een van de redenen dat ik schrijf: de verhalen moeten levend blijven en verneem van lezers dat het boek uitnodigt om het gesprek aan te gaan met hun ouders, die tot dan toe altijd hebben gezwegen. In Duitsland herdenken we ook niet collectief zoals jullie dat doen op 4 mei. Geen kransleggingen of twee minuten stilte. Maar hoewel er geen integrale herdenkingsdag is, wordt er wel degelijk aandacht besteed aan de slachtoffers van de oorlog. Dit gebeurt op verschillende dagen, waarbij verschillende dingen worden herdacht*. Zoals op 8 mei 1945 toen Nazi-Duitsland capituleerde en 27 januari toen Auschwitz werd bevrijd. Daarnaast is er nog Volkstrauertag op de tweede zondag voor de Advent, waarop alle slachtoffers van alle oorlogen herdacht worden. In de Bondsdag en in gemeentes worden op deze Stiller Tag (stille dag) wel kransen en bloemen gelegd. In de grote kranten wordt er op die dagen wel aandacht aan besteed en op televisie zijn er programma’s in dat thema te zien.’

"De Russen hadden een gruwelijke reputatie, er was sprake van plunderingen en verkrachtingen. Hij pakte zijn verrekijker weer op en speurde het land achter de straatweg af. Uit die richting zouden ze komen. Het kwam niet bij hem op dat hij ze misschien niet allemaal in het vizier zou hebben, dat ze niet in een rechte linie zouden oprukken. Een onvergeeflijke fout, die hij pas inzag toen de twee honden op het erf woest begonnen te blaffen. Er volgden schoten, daarna werd het stil. Te laat! Dat was het enige wat hij kon denken. Te laat, te laat, hamerde het in zijn hoofd. De vrouwen en kinderen waren nog in het huis. Hij liep de overloop over naar de ramen op het zuiden, hoorde hoe er met geweerkolven tegen de poort beneden werd gebeukt."

Twee kanten

‘De Russen hebben afschuwelijke daden verricht. Absoluut, maar je moet niet vergeten dat zij – in tegenstelling tot de bevrijders, de Engelsen en de Amerikanen – uit waren op vergelding. Tijdens de oorlog heeft het Duitse leger in Rusland ook verschrikkelijke dingen gedaan. Toen de rollen waren omgedraaid, wilden ze wraak. Het is niet zo dat ze alleen maar beestachtig zijn. Ik vind het van groot belang om bij dit soort verhalen ook de andere kant te belichten. Ook in Nederland waren er mensen die aan de verkeerde kant stonden. Het was toen en het zal altijd zo zijn dat er een groot grijs gebied is wanneer het oorlogstijd is. Je probeert te overleven, en iedereen doet dat op zijn eigen manier. Ik hoop alleen dat we blijven realiseren dat het aanhangen van een ideologie levensgevaarlijk kan zijn. Het is wankel op dit moment in de wereld. In Duitsland rijst het aantal aanhangers van de rechts-populistische AfD: in september vorige jaar is deze met 12 procent van de stemmen de derde partij van Duitsland geworden. En Trump… dat is een kleine jongen die met lucifers speelt en geen idee heeft van het vuur waar hij mee speelt.’

Research

‘De werkelijkheid, de vaste gegevens vind ik heel belangrijk. Alles moet kloppen. Maar de personages, die bedenk ik, die plaats ik in dit decor van de werkelijkheid. Naast uitgebreid literatuuronderzoek, heb ik met een aantal mensen gepraat die naoorlogse jaren hebben gemaakt in Hamburg. Ik heb fragmenten uit hun leven geleend, niemand zal zich een op een kunnen herkennen. Al is het wel zo dat er mensen naar me toekwamen nadat het boek was gepubliceerd en zeiden dat zijzelf model hadden kunnen hebben gestaan voor die kleine Hanno Dietz, die tussen het puin naar bruikbare spullen zoekt. De gesprekken die voerde voordat ik begin met schrijven waren emotioneel. Met name door hóe ze het zeiden. Mannen zijn vooral in het begin heel feitelijk, maar gaandeweg voegen de gevoelens zich bij de feiten en dan wordt het interessant. Dan kan mijn karakters ook weer steviger bouwen. Mijn achtergrond als gestalt-therapeut zal ongetwijfeld helpen bij de psychologische opbouw van een karakter. Ik praat veel met mijn karakters. Ze zitten bij me aan tafel, aan het ontbijt, ik wandel met ze. Toen er nog geen mobiele telefoons waren, kon ik nog weleens meewarig na worden gestaard op straat, maar tegenwoordig praat iedereen in zichzelf dus valt het niet meer zo op. Als een boek af is, moet ik afscheid van ze nemen. Ze maken voor een zekere periode vast deel uit van mijn leven. Dat is tegelijkertijd het aangename van het leven in de fictieve wereld van een boek; je weet dat het eindigt en dat je weer verder kunt gaan met een nieuw mooi verhaal. Maar dat betekent ook afscheid nemen. Het liefst schrijf ik daarom het verhaal in een keer, zodat ik ín het verhaal blijf. Als ik schrijf, ben ik afgesloten van de wereld. Er is op dat moment geen ruimte voor de realiteit’

Verwantschap

‘Met het karakter Agnes zou ik het liefst een keer willen praten. Zo sterk als ze is en typerend ook, als vrouw, voor die tijd. Tachtig procent van de mannen was er niet tijdens die naoorlogse jaren. Ook een vrij onbekend gegeven. Ze waren omgekomen, nog vermist of zaten nog in kampen. Het waren de vrouwen die de stad weer moesten opbouwen. En dan staat haar man plotseling weer voor de deur. Twee uiteengescheurde levens moeten weer samenkomen. Ik heb een vrouw gesproken wie dit in werkelijkheid is overkomen. Haar man kwam terug van het front, het was een ander persoon geworden door alle onmenselijke beelden die hij heeft moeten aanschouwen. Zij was echter ook veranderd. Maar in die tijd ging je niet scheiden. Ze zijn bij elkaar gebleven, maar in een huwelijk waarin beiden niet wisten met wie ze samenwoonden. Ze waren vervreemd van elkaar door gebeurtenissen waar geen woorden voor waren. Een oorlog is zoveel meer dan alleen die tijd waarin de oorlog zich afspeelt. Het werpt zijn schaduwen over vele jaren die erop volgen.’

"Mijn verwoeste man, dacht Agnes vaak. Er waren dagen dat ze meende hem achter zijn harde, wantrouwende blik te kunnen zien. Er waren dagen dat ze meende hem achter zijn spaarzame woorden te kunnen horen. Maar hoewel hij zienderogen opknapte, lagen de vijf jaar als een niemandsland tussen hen in. Hij sprak amper over die tijd, het enige wat ze te weten kwam, was dat hij al een paar weken na zijn vertrek in Russische krijgsgevangenschap was geraakt. ‘Een kamp bij Usman,’ zei hij, en dat hij in een steengroeve had gewerkt. Als Hanno of zij een concrete vraag stelde, reageerde hij afwerend. ‘Kou en honger, meer valt er niet over te vertellen.’ Dan verloor zijn blik zich in een verte waar zij geen toegang toe hadden, soms minutenlang. Als hij hen weer aankeek, leek hij hun vraag te zijn vergeten en lag er iets zoekends in zijn ogen. Hij is hier nog altijd niet echt aangekomen, dacht ze. Hij is nog altijd onderweg en kan de weg hiernaartoe niet vinden."

West versus Oost

‘In de voormalige DDR kunnen de mensen nog altijd niet meekomen met het westen. Ze koesteren weerstand tegen vreemdelingen. Ik weet niet of mijn boek meer in West-Duitsland wordt gelezen dan in Oost-Duistland. Dat is wel een interessante vraag. Of de pers er daar minder aandacht aan besteed kan ik ook niet zeggen. Ik ervaar wel verschillen in interviews tussen Nederlandse en Duitse pers. In Duitsland weet men wel hoe er geleden is, voor Nederlanders is dat nog vrij onbekend. En dat is begrijpelijk. Het lijkt er op dat diezelfde afstand die zeventig jaar creëert tegelijkertijd zorgt voor de mogelijkheid tot empathie, tot begrip voor elkaars situatie.’

* Bron: www.nemokennislink.nl

Wil je altijd op de hoogte zijn van de boeken binnen jouw favoriete genre? Stel je voorkeur in en ontvang updates.

Meer boeken zoals Oorlogskind

Janneke Thumb
Janneke