Lalalala
Lalalala
Recensie

Maar eerst ving ik een monster is een fantasierijk verhaal over jongetje dat eigenlijk moest gaan slapen

24-01-2020

Kinderen zijn vaak bang voor monsters onder hun bed, maar toch trekken de boeken over monsters vaak de aandacht. In Maar eerst ving ik een monster zijn de monsters eigenlijk helemaal niet zo eng. Tjibbe Veldkamp staat bekend om zijn grappige verhalen. Hij kan er met dit nieuwste prentenboek weer eentje toevoegen aan zijn lijst. Kinderen naar bed brengen gaat niet altijd zonder slag of stoot. Een prentenboek met een duidelijk punt waar iedere ouder zich in kan vinden.

Het is bedtijd en het jongetje in dit boek moet dus naar bed om te gaan slapen. Hij krijgt een kort verhaaltje voor het slapen gaan, maar dan begint het hele 'ik probeer wat tijd te rekken' proces. Het jongetje ving namelijk eerst nog een monster en wil dit maar wat graag laten zien. Zou het bij één monster blijven? Een ideaal prentenboek voor ieder kind dat nooit genoeg krijgt van voorlezen.

Feest van herkenning

Het prentenboek Maar eerst ving ik een monster is van groot formaat, wat er dus voor zorgt dat de illustraties ook groot zijn. Voor een prentenboek is dat altijd direct een pluspunt. Het verhaal loopt als een dialoog tussen de jongen en degene die hem naar bed brengt, wat ik een ontzettende leuke manier vind om een verhaal te vertellen. Je kunt tijdens het voorlezen ook heel leuk twee stemmen gebruiken om het allemaal extra echt te laten lijken. De opbouw van het boek verloopt chronologisch en aan het einde zit er nog een hele grappige twist in het verhaal. Dit verhaal is een feest van herkenning voor elk ouder. Tijdens het naar bed brengen hebben kinderen opeens de meest spannende en wildste verhalen te vertellen, om maar tijd te winnen en te rekken zodat ze niet hoeven slapen.

De kracht van illustraties

De illustraties maken dit verhaal echt tot een compleet plaatje. Ze zijn supergroot en staan door het hele boek over de gehele pagina’s afgebeeld. Het is echt een explosie aan kleuren, felle en heldere kleuren, dit past echt perfect bij het verhaal. Naast het feit dat het een leuk en grappig verhaal is, versterken de illustraties dit ook nog eens extra, waardoor kinderen helemaal opgaan in dit fantasieverhaal. De illustraties zijn vol met details en de monsters zijn heel erg tof bedacht. Eigenlijk zien ze er eerder uit als lieve knuffelbeesten dan als gevaarlijke en enge monsters. Dit prentenboek is perfect om voor te lezen voor het slapen gaan en het is veel te snel uit. Gelukkig kun je het altijd nog een keertje lezen. Maar eerst ving ik een monster is geschikt voor kinderen vanaf ongeveer vier jaar.