Recensie

Wederzijds: "De onvoorspelbaarheid van het verhaal is wel te smaken"

1-3-2017
Wederzijds

Een 'heel gewone', maar 'niet al te goede' buurt in Den Haag
Hebt u wel eens last van nachtlawaai, opdringerige buren, hondendrollen, een overdaad aan reclamefolders? Hoe ver reikt uw geduld wanneer positieve gesprekken, waarschuwingen en zelfs boetes niet het gewenste resultaat opleveren? De naamloze verteller en zijn vrouw Wies houden er het hoofd koel bij. Ze wonen nu eenmaal in een ‘heel gewone’, maar ‘niet al te goede’ buurt van Den Haag. Daar hebben ze zelf voor gekozen, dus klagen zou getuigen van een portie bekrompenheid waar het koppel liever niet mee geassocieerd wordt. Zelfs na twaalf jaar verft het hoofdpersonage goedmoedig mopperend de graffiti weg. Ook op het nachtlawaai reageren ze laconiek, al maken ze zich wel zorgen over hun ranking op website van airbnb. Wanneer hij tijdens een van zijn verfklusjes aangesproken wordt door de oprichter van een vereniging die beweert de overlast binnen een paar weken te kunnen oplossen, reageert hij dan ook afwijzend. Waarom zouden ze 400 euro betalen voor het wegwerken van overlast die vervelend, maar niet onleefbaar is? Wat zijn de wederdiensten die in ruil voor het lidmaatschap gevraagd worden? Waarom hebben ze nog nooit van de organisatie Wederzijds gehoord? Uit goed fatsoen gaat hij het gesprek aan, maar later doen hij en Wies er een beetje lacherig over. Ze zijn het gesprek zo goed als vergeten wanneer de graffiti-dader zijn verdiende loon krijgt. Om zelf verdere problemen te vermijden betalen ze snel het abonnementsgeld. Voor hen is hiermee de kous af.

Den Haag

Ze houden de sfeer erin
Deze houding typeert hun bestaan. Ze nemen zelden een concrete beslissing, durven nergens tegen in te gaan en rollen zo van de ene toevalligheid in de andere. Gemakshalve doen ze wat van hen gevraagd wordt en lachen eventuele onwennigheid of achterdocht weg. Het koppel lacht dan ook wat af, steeds groener, maar toch, ze houden de sfeer erin, want als puntje bij paaltje komt zijn ze geen klagers. Langzaam maar zeker palmt Wederzijds hun leven in en wordt verwacht dat ze deelnemen aan surveillances en andere acties. Het concept klinkt aannemelijk: buurtbewoners zorgen er samen voor dat mensen die overlast veroorzaken hiervoor op de vingers getikt worden. Waarom dit anoniem en volgens een hoop ongeschreven en steeds veranderende regels moet gebeuren is minder duidelijk. De vragen stapelen zich op, personages wisselen van naam en de situatie wordt steeds absurder.

Verschillende mogelijkheden blijven open
Om Wederzijds te doorgronden schrijft de verteller samen met zijn vrouw een verslag over hun ervaringen en de brokjes informatie die ze van andere leden te weten komen. Of schrijft hij het verslag enkel om de lezer te overtuigen van zijn goede bedoelingen en eerzaam burgerschap? Als hij echt zo onschuldig is, waarom houdt de ogenschijnlijk open verteller dan ook zijn eigen naam geheim? Kees ’t Hart bouwt het verhaal zo op dat verschillende mogelijkheden open blijven. Door de compacte stijl, met korte zinnen, veel herhalingen en snelle dialogen, komt de sfeer van onzekerheid en obsessie helemaal tot z’n recht. Het paranoïde karakter van de verteller wordt bovendien versterkt door de wrange humor die het brave burgerschap tot lafheid herleidt.

Ik kon de onvoorspelbaarheid van het verhaal wel smaken, al verliest het verhaal gaandeweg zijn geloofwaardigheid waardoor het minder intens wordt. Desondanks was het boek een plezier om te lezen. Met Wederzijds voegt Kees ’t Hart alweer een geslaagde roman aan zijn oeuvre toe.