Zomerlicht En Dan Komt De Nacht Recensie Header
Recensie

Zomerlicht, en dan komt de nacht: "zijn kracht is het poëtisch mooi beschrijven van wat hij ziet."

22-05-2018

De laatst verschenen roman: Zomerlicht, en dan komt de nacht is eigenlijk het debuut van de IJslander Jón Kalman Stefánsson, als eerste geschreven, als laatste uitgegeven. Het is ook meer een verhalenbundel dan een roman. Een sterk door elkaar verweven verhalenbundel, het commentaar van de verteller  lijmt de verhalen aaneen.

De stijl

De verhalen zelf zitten vol uitgeschreven observaties en ideeën, het zijn prachtige zinnen aaneengeregen. De stijl is al herkenbaar vanuit zijn latere werk als de Hemel en hel-trilogie: ze is traag –IJslands traag wellicht, we zien deze traagheid elders niet vaak– met meer ruimte voor de personages, voor de observaties en voor de beschrijvingen dan voor de plot. En zo valt “de sneeuw van het alledaags bestaan in dichte vlokken” –het alledaags bestaan in dit ver weggestopte, naamloze dorpje waar vooral het leven gebeurt en personages gewoon zijn.

Dorpelingen

We ontmoeten in Zomerlicht en dan komt de nacht verschillende personages, en wat ze gemeen hebben is het dorp, maar het zijn ook personages die op zichzelf staan en zo misschien wel een invloed hebben op de gemeenschap die het dorp is. Zo is er de directeur van de breifabriek –het verhaal waarmee het boek opent–, die opeens de man is die de hemel nader was dan de aarde. Hij komt terug uit de hoofdstad en spreekt opeens vloeiend Latijn, hij geeft alles op; zijn fabriek en daarmee zijn personeel, en verkoopt zijn oude leven, om eerste drukken van wetenschappelijke boeken te kopen en de sterren te bestuderen: voortaan is hij de Astronoom. Het klinkt wat waanzinnig en ook voor de dorpelingen is het wat excentriek, maar in het kalme proza van Stefánsson en door de nuchterheid van de dorpelingen wordt het geaccepteerd. 

"Door verhalen proberen we het allemaal wat te begrijpen."

Meerdere verhalen

In de verhalen daarna lezen we over Jonas, de onwaarschijnlijke politieagent van het dorp, over de dansavonden van het dorp waar je echt eens geweest moet zijn. Een ander, haast spookachtig, verhaal, gaat over Kjartan en David die in het Warenhuis werken. Stefánsson werkt bijzonder, schrijft lichtvoetig en beklemmend. Nog een verhaal: Kjartan (van het Warenhuis), begint een affaire met Kristin, terwijl ze beiden getrouwd zijn. Vervelend voor de achterblijvers denk je, maar deze affaire begint ook weer zo bijzonder en haast ongeloofwaardig. Geïnspireerd door de fitnessrage gaat Kristin hardlopen, Kjartan repareert net het hek tussen hun gronden. Ze doen niets, vechten nog een innerlijke strijd zelfs, maar ineens liggen ze dan in het gras en hebben ze een affaire. Het gebeurde gewoon, want het gebeurt gewoon bij Stefánsson: zijn kracht is het poëtisch mooi beschrijven van wat hij ziet.

Een geheel    

Toch zijn die observaties en gebeurtenissen delen in een groter geheel: deze verhalen gaan over leven en dood. Door verhalen proberen we het allemaal wat te begrijpen.

We praten, schrijven, vertellen over grote en kleine dingen om te proberen te begrijpen, te proberen op iets houvast te krijgen, misschien wel de kern zelf die als een regenboog constant voor ons terugwijkt.” 

Wil je altijd op de hoogte zijn van de boeken binnen jouw favoriete genre? Stel je voorkeur in en ontvang updates.